Home Onderwerpen Zoek Over ons Doneer Contact

Occupy als wolkbeweging

— Een wereld die te winnen is —

dr. Albert Benschop
Universiteit van Amsterdam

Netactivisme
    Machtsvorming van onderop
    Hackers en hacktivisten
    2011 — Keerpunt in de geschiedenis
Occupy als wolkbeweging
    Wolkbeweging tegen graaikapitalisme
    Uitgangspunten: solidariteitsprincipes
    Algemene politieke oriëntatie en eisen
    Uitdagingen voor protestbewegingen
    Occupybeweging definieert haar knelpunten
    Zelforganisatie
    Online algemene vergadering?
    Occupybeweging onder druk
Occupy_NL
    A’dam Beursplein | A’dam Museumplein |
    Den Haag | Rotterdam | Haarlem | Tilburg
    Olievlek
    Academici in verwarring
    Kinderschoenen en leerproces
Dromen in een wolkbeweging

Informatiebronnen

Index NetActivisme en Wolkbewegingen
Index FlitsMeute: Happening voor internetters
Index Iran: Anatomie van een twitterende rebellie
Index Egypte: Revolteren met en zonder internet
Index Syrië: Het zwarte gat in het internet
Index Politieke sociologie van het internet
Index CyberTerrorisme: Dodelijk geweld van achter het toetsenbord

 

NetActivisme
 

“Als de mensen in dit land ons bank- en monetaire systeem zouden begrijpen, denk ik dat er morgenochtend een revolutie zou zijn” [Henry Ford].
“Wat is een mens in opstand? Een mens die neen zegt. Maar ook al weigert hij, hij geeft niet op: het is ook een mens die ja zegt, vanaf zijn eerste impuls. Een slaaf die zijn hele leven orders heeft gekregen, vindt een nieuw bevel plotseling onaanvaardbaar” [Albert Camus, De mens in opstand].
“First they ignore you,
Then they laugh at you,
Then they fight you,
Then you win.”
[Ghandi]

Machtsvorming van onderop
Internet is een virtuele ruimte waarin mensen van alles en nog maar kunnen doen met de muis en toetsenbord van de computer of laptop, of met hun mobiele telefoon. Zij gaan online relaties met elkaar aan en handelen via de computer hun bankzaken af; zij opereren veelal als telewerkers; bestellen hun maaltijden via e-bezorgingsdiensten, reserveren concertplaatsen en regelen hun volgende afspraak. We werken en leren, socialiseren en amuseren ons op of via internet.

Het virtuele domein is echter ook een plaats geworden waarop gelijkgezinden met elkaar communiceren om voor bepaalde maatschappelijke of politieke doeleinden op te treden. Internet is een nieuw publiek domein waarop sociale en politieke activiteiten botsen en coöpereren. Het is een virtuele arena voor emancipatie-, democratiserings- en bevrijdingsbewegingen.

Internet stelt mensen in staat om bijeen te komen en informatie te delen. Het faciliteert de vormen van een geaggregeerde kracht die gevestigde opinies en machten uitdaagt.

Voor negatief geprivilegieerde groepen in nationale en internationale samenlevingsverbanden biedt internet tal van mogelijkheden om hun belangen te behartigen, hun verlangens te articuleren, hun doelstellingen te communiceren en hun activiteiten te coördineren. Netactivisten van diverse pluimage hebben in de loop der tijd geleerd hoe zij internet kunnen gebruiken om hun onvrede over de exploitatie en ongelijkheid, onderdrukking en discriminatie te articuleren.

Politieke activisme op het internet —netactivisme— vertaalt zich tegenwoordig vooral in het opbouwen van informatieve en interactieve online netwerken over de speciale thematiek van de betreffende sociaal-politieke beweging. Maar het manifesteert zich ook in het kraken of vernietigen van virtuele locaties, kanalen, databanken of applicaties die als ‘vijandig’ worden gedefinieerd.

De sociale netwerksites van het internet, en vooral Facebook en Twitter, zijn de grootste gecentraliseerde globale fora op het internet. Het gebruik van die netwerken heeft niet alleen onze mechanismen van sociale interactie grondig veranderd, maar ook onze mogelijkheden om krachten te bundelen voor maatschappelijke en politieke doeleinden.

Politiek activisme heeft zich in de loop der jaren steeds nadrukkelijker gemanifesteerd in de virtuele wereld van het hiernaastmaals (cyberica). Politiek gemotiveerde activisten gebruiken het internet om hun klachten, programma’s en actiethema’s op wereldschaal te verspreiden, om mensen te mobiliseren voor lokale acties (straatprotesten en pleindemonstraties), en om websites en computernetwerken van politieke tegenstanders te ontregelen of het zwijgen op te leggen.

Oost-Timor
In de voormalig Portugese kolonie Oost-Timor bestaat een relatief sterke beweging die streeft naar zelfstandigheid. Begin 1999 werd het virtuele Oost-Timor door een groep hackers van het internet gevaagd. Niet alleen de website van het East Timor Project — opgezet als een virtuele vrijstaat door de Nobelprijswinnaars Jose Ramos Horta en bisschop Belo — werden vernietigd, maar het hele Oost-Timorese internetdomein (".tp"). Alle websites en e-mail adressen die eindigen op de landenafkorting .tp werden onbereikbaar na een computerkraak bij de Ierse provider (Connect-Ireland) die dit domein onder zijn beheer heeft. Het was een goed georganiseerde aanval en het vermoeden is dat de Indonesische regering achter deze cyberaanval op Oost-Timor zat.

Negatief geprivilegieerde groepen ontdekten dat internet een relatief goedkoop en uiterst doelmatig medium is waar bronarme maatschappelijke groeperingen relatief gemakkelijk gebruik van kunnen maken. Actiegroepen die zich inzetten voor de bescherming van persoonsgegevens en privacy tonen met grote regelmaat en volhardend aan dat het in zeer veel gevallen slecht gesteld is met internetbeveiliging. Het was niet erg ingewikkeld om in te breken op de computers van de Nederlandse politie, het Algemeen Burgerlijk Pensioenfond (ABP) en de KPMG.

Hacktivisten van diverse pluimage slagen er telkens weer in om prominente websites van hun opponenten te kraken. De digitale Chinese muur die het zwaar gecensureerde net van de rest van het internet scheidt wordt schijnbaar even gemakkelijk doorbroken als de vermoedelijk strengst beveiligde computers van het Amerikaanse Pentagon.

Hackers en hacktivisten
Door de toegenomen rol van het internet is niet alleen de wijze van actievoeren veranderd. Ook het hacken is veranderd sinds het internet een grotere rol is gaan spelen in het maatschappelijke en politieke leven. De traditionele hackers concentreerden hun inbraakpogingen op computersystemen waar modale gebruikers geen toegang toe hadden. Hackers vervulden meestal een constructieve rol door iedereen erop te attenderen dat het slecht gesteld is met de informatiebeveiliging en privacybescherming op het internet. Zij toonden keer op keer aan wat de kwetsbaarheden zijn van de informatie-uitwisseling via het internet.

Hacktivisten zijn politieke activisten die het internet gebruiken om sites van tegenstanders tijdelijk uit te schakelen of monddood te maken.

2011 — Keerpunt in de geschiedenis
Al deze processen culmineerden op 15 oktober 2011 in een wereldwijde protestbeweging die via de online sociale netwerken werd geïnitieerd en georganiseerd. In zo’n 82 landen en meer dan 950 steden begonnen miljoenen mensen hun pleinen, parken en publieke domeinen te bezetten [bron].

In alle steden werden bijeenkomsten georganiseerd, werd heftig gediscussieerd en werden werk- en taakgroepen opgericht om de beweging zowel vorm als inhoudelijke stootrichting te geven. Het chaotische karakter dat de occupybeweging in haar eerste weken vertoonde —en dat past bij haar relatief spontane en organische karakter— werd langzamerhand overwonnen. In veel gevallen slaagden de occupisten erin om nieuwe democratische bewegingsvormen te vinden voor een snel groeiende beweging.

Occupy in de wereld
Occupy Global | Occupy Together | Occupy The Planet
Occupy Europe | Occupy Africa

Index Occupy als wolkbeweging

Hoewel dit overzicht van de occupybeweging niet uitputtend is, geeft het toch een goede indruk van het wereldomspannende karakter van de beweging.

Ik ga eerst uitvoerig in op de Occupy Wall Street beweging in New York. Daarna komen de ontwikkelingen in Nederland aan de orde. Op basis van deze twee case-studies worden vervolgens de kenmerken van een nieuwe stijl van netactivisme in kaart gebracht. Daarbij worden een aantal vooruitzichten van het fenomeen wolkbeweging besproken. Het begrip en de werking van wolkbewegingen wordt behandeld in NetActivisme en Wolkbewegingen

Geen eisen, geen programma, geen organisatie, geen leiders, wel klachten

Een wolkbeweging tegen het graaikapitalisme

Ook deze muur kan worden geslecht …
De Occupy Wall Street beweging ontstond op 27 september 2011 in de Verenigde Staten en bracht al snel miljoenen mensen in de hele wereld in beweging. De occupybeweging is een volkse reactie op de bankencrisis en de kapitalistische graaicultuur. Verzet bieden tegen het graaikapitalisme en de bankiers ter verantwoording roepen, dat lijkt de enige samenbindende factor. Het is een “protest tegen de schaamteloze onrechtvaardigheden van onze tijd die worden bestendigd door de economische en politieke elites” [Principles of Solidarity]. Daarnaast uiten de deelnemers een hele waslijst aan andere maatschappelijke klachten. De beweging articuleerde geen alternatief, laat staan een alternatief maatschappijbeeld. Al deze klachten worden niet in hoogstaande politieke talen naar voren gebracht, maar in alledaagse talen en rudimentaire alledaagse theorieën.

De occupybeweging is een beweging in de meest letterlijke zin van het woord. Het is een netwerk van bewegingsassociaties zonder vaste structuurpatronen, zonder woordvoerders, zonder leiders, zonder formele organisatie, zonder duidelijk omschreven gemeenschappelijke doelen en zonder agenda waarin prioriteiten worden gesteld [Benschop 1993/2017: XV, § 2].

Toch slaagde de occupybeweging er in om miljoenen mensen over de hele wereld op de been te brengen. Haar mobilisatiekracht is verankerd in nieuwe vormen van virtuele sociale georganiseerdheid: zij ontstaat niet zoals de arbeidersbeweging ‘ondergronds’ vanuit de achterkamers van lokale cafés, maar ‘in de wolken’ van de sociale media. Wat we op de straten voor de bankgebouwen te zien krijgen is slechts het aardse gezicht van een sociale wolkbeweging (cloud movement) die vanuit een lokaal (of zo men wil een straat-) perspectief grotendeels onzichtbaar is omdat zij is ingebed en opereert in het virtuele domein van het hiernaastmaals.

De kracht van deze wolkbeweging is dat zij hierdoor ook moeilijk valt te bestrijden of te manipuleren. Er zijn geen woordvoerders waarmee men kan overleggen. Er zijn geen leiders waarmee men kan onderhandelen en compromissen sluiten. Er zijn geen organisatiekantoren die men kan sluiten of waarvan men administraties in beslag kan nemen.

De zichzelf virtueel organiserende occupybeweging bestaat uit duizenden kleinere en grotere online clubjes en netwerken die open staan voor iedereen die mee wil doen. Daarin wordt algemene onvrede over het graaikapitalisme moeiteloos verbonden met kleine en grote klachten over en agenda’s voor de meest uiteenlopende maatschappelijke problemen. De sociale achtergrond van de deelnemers is even divers als hun persoonlijke, politieke, levensbeschouwelijke of religieuze oriëntaties. De wolkbeweging is een containerprotest tegen alles wat de deelnemers als onrechtvaardig, ondemocratisch of niet-humaan beschouwen.

De wolkbeweging is een protest tegen sociale en economische ongelijkheid, tegen gegraai van ondernemers en vooral van geldkapitalisten (financiers, speculanten, beurshandelaren en casinokapitalisten). Het is een volksbeweging van de 99% tegen de top 1% rijksten: “We are the 99%.”

Index


“Ik bezet Wall Street omdat het mijn toekomst, de toekomst van mijn generatie is die op het spel staat. Geïnspireerd door de vreedzame bezetting van het Tahrir plein in Caïro, zijn we vanavond bijeengekomen op Times Square om de wereld te laten zien dat de macht van het volk een onstuitbare kracht van globale verandering is. Vandaag vechten we terug tegen de dictators van ons land —de banken van Wall Street— en we zijn aan de winnende hand” [Linnea Palmer Paton, 23 jaar, student New York University].
Normatieve uitgangspunten: solidariteitsprincipes
Het enige dat deze nieuwe wolkbeweging lijkt samen te binden is het inzicht dat de banken/bankiers de crisis hebben veroorzaakt en dat zij daar rekenschap voor dienen af te leggen — ‘laat de graaiers de rekening betalen’. De monetaire crisis wordt —zoals gebruikelijk— afgewenteld op mensen die daar níet verantwoordelijk voor zijn. En de mensen die verantwoordelijk zijn voor de recessie komen weg met massieve bonussen. Tegen deze onrechtvaardigheid komen de deelnemers aan de wolkbeweging in opstand. Daarom laten zij hun protesten niet horen voor de poorten van politieke instellingen, maar voor de goudbeslagen deuren van de bank- en beursinstellingen. In bewoordingen die op occupywallst.org (OWS) gebruikt worden:

Dit zijn een paar willekeurig geselecteerde uitlatingen van een individuele deelnemer aan de occupybeweging. Na weken van levendige discussies werd op 23 september 2011 een document gepubliceerd waarin de normatieve uitgangspunten van de beweging in concept, als working draft, zijn vastgelegd. In het levende document dat telkens gereviseerd wordt via het democratisch proces van de Algemene Vergadering worden de solidariteitsprincipes van de occupybeweging geformuleerd. De ‘points of unity’ zijn: In de visie van de Working Group on Principles of Consolidation staat dit ideaal voorop: “Wij durven een nieuw sociaal-politiek en economisch alternatief voor te stellen dat een grotere mogelijkheid van gelijkheid biedt”.

Index


Algemene politieke oriëntatie en eisen
De occupybeweging is een massale wolkbeweging die de aandacht vestigt op economische onrechtvaardigheid en politieke corruptie. Met behulp van moderne informatie- en communicatietechnologieën trachten zij de haalbaarheid van het ideaal van participerende of directe democratie aan te tonen. De belangrijkste boodschap is de wijze van zelfbeheer. De reden dat de occupybeweging zich nog niet verenigd heeft rond een enkele eis is dat er zoveel stappen nodig zijn om het soort maatschappelijke rechtvaardigheid te realiseren waarnaar de occupisten op zoek zijn. In hun proces van meningsvorming proberen zij polariserende ideologieën te overwinnen en samen toe te werken naar een gemeenschappelijk doel. De Amerikaanse occupisten bouwen voort op de traditie van de grondleggers van de constitutie, die verklaarden dat de overheid haar macht zou moeten ontlenen aan de instemming en eenstemmigheid van de geregeerden. Geïnspireerd door dit principe legt de occupybeweging een zeer grote nadruk op consensus.

Logo werkgroep Vision and Goals Binnen de Occupybeweging in New York wordt in diverse werkgroepen geprobeerd om een eigen visie en programma op te stellen. De werkgroep Vision and Goals is bezig om een samenhangende visie op lange termijn te ontwikkelen waarin wordt aangegeven hoe men wil dat de toekomst er uit ziet, en hoe men die toekomst vorm kan geven. Op 23 oktober presenteerde de werkgroep een conceptversie die nu door iedereen becommentarieerd kan worden. In dit document wordt de politieke oriëntatie van de beweging in zeer algemene termen geformuleerd.

Naast wereldvrede, non-discriminatie, onvervreemdbare mensenrechten en leven in harmonie met de natuur, worden meer specifieke economische en culturele doelen genoemd. De wereldgemeenschappen moeten worden bevrijd van gecentraliseerde systemen, de bedrijfsstructuren worden zodanig worden gereapproprieerd dat mensen en onze aarde eerst komen, en niet de winst. Op cultureel gebied moet het onderwijssysteem zodanig veranderen dat het globale burgers emancipeert van de exploitatieve, gemeenschapsvernietigende consumentencultuur en mensen de kracht geeft om voor hun eigen mening op te komen. Voor de media cultuur geldt ongeveer hetzelfde: zij moet waarheid en dialoog boven reclame en sensationalisme stellen.

FLO
In de tekst van de werkgroep wordt de term FLO gebruikt om aan de duiden wat men onder non-proprietary verstaat. FLO is een afkorting van Free Libre Open-Source. Deze term beschrijft de niet-eigendommelijke praktijk voor de ontwikkeling van de meest uiteenlopende technologieën en methodens (van besturingssystemen van computers tot het ontwerp van tractors).
Voor alle problemen geldt dat zij op een non-proprietary, d.w.z. gemeenschappelijke of communale wijze moeten worden opgelost. En die oplossingen moeten tot stand komen door “de groei van lokale bewegingen voor directe, organische, participerende, op consensus gebaseerde democratie.”

Logo De werkgroep Demands publiceerde sinds 25 oktober 2011 een aantal interessante documenten. Het begon met een document waarin een algemeen kader werd geschetst waarbinnen de groep zou proberen om klachten in kaart te brengen, doelen te formuleren en mogelijkheden af te wegen. Het procedurele kader bevat een aantal nuttig instructies: onderzoek en bespreek de geschiedenis van eisen in sociale bewegingen in historisch perspectief; stel een lijst samen van de verschillende manieren waarop je eisen kunt gebruiken en van de doelen van het stellen van eisen; formuleer meerdere methoden om eisen op te stellen.

Sommige mensen spannen zich in om één allesomvattende eis te stellen: “Abolish Empire and Establish Earth Community!” [Zevin X. Cruz]. Anderen concentreren zich op min of meer samenhangende thematische complexen, zoals Jobs for All, Housing for All, Transit for All en Taxing the Rich, maar ook het herstel van een krakende infrastructuur, directe participerende democratie online.

Deze laatste eis wordt onderbouwd met de stelling dat de meeste mensen zeer goed in staat zijn om zelf direct beslissingen te nemen in hun gemeenschappen, in de nationale staat, en ook over internationale kwesties, mits zij maar voorzien worden met feitelijke, vrije informatie met open bronnen (naar het model van Wikipedia). “Het internet biedt ALLES wat nodig is om overal geïnformeerd direct-democratisch stemmen te introduceren. Het enige dat nodig is, is dat mensen hiervoor een systeem organiseren. Met dit systeem moet NU worden begonnen door de 99% Occupy internationale beweging.”

Op 3 november 2011 publiceerde de werkgroep The Occupy Earth Manifesto van Robert Sheppard waarin meer specifieke eisen en doelen worden geformuleerd en een actie-agenda wordt opgesteld. In het manifest wordt bijvoorbeeld voorgesteld om belasting te heffen op alle transacties van de buitenlandse valutahandel en om luxegoederen hoger te belasten. Daarnaast wordt voorgesteld om een progressieve inkomstenbelasting in te voeren, om niet alleen de ondernemingsbelasting te globaliseren, maar ook de vakbonden.


Logo van werkgroep
Internet
De werkgroep Internet is verantwoordelijk voor het opbouwen en onderhouden van de internet infrastructuur achter de Occupy Wall Street-beweging en de New Yorkse Algemene Vergadering. De ambitie van de werkgroep is robuust geformuleerd: “Wij maken de weg vrij voor het scheppen van een sociaal netwerk voor maatschappelijke revolutie.” In de praktijk betekent dit vooralsnog vooral dat de groep ervoor wil zorgen dat de contactinformatie en -beschrijving actueel is, dat statusveranderingen regelmatig worden doorgegeven, dat aankondigingen en verslagen van alle bijeenkomsten en gebeurtenissen op het internet worden gezet. Mensen die daar problemen mee hebben worden ondersteund door regelmatige trainingssessies. De internetgroep stimuleert een cultuur waarbij de website een actief onderdeel is van de dagelijkse groepsactiviteiten.

Voor het online beheer van de zeer omvangrijke informatiestromen van de 87 werkgroepen wordt gebruik gemaakt van een instrument voor projectmanagement: Redmine. Daarop aansluitend wordt in een aantal specifieke projecten geprobeerd om speciale software te ontwikkelen voor de introductie van nieuwe leden, voor het inventariseren van vaardigheden van vrijwilligers, voor het verwerken van nieuwe voorstellen, voor het coördineren van werkgroepen en voor het verkeer tussen werkgroepen.

De aanwezigheid van de Occupy Wall Street (OWS) op internet is imposant. Zij is aanwezig in haar eigen, zeer professioneel georkestreerde websites, maar ook op Facebook en Wikipedia.

Gelovige occupisten: gij zult de mammon niet dienen…

Logo van de werkgroep
Spiritual / Religious
Outreach
Alle religies veroordelen hebzucht, net als de occupisten. Daarom is het niet vreemd dat diverse spirituele en religieuze leiders de occupybeweging in woord en/of daad steunen.

Een voorbeeld daarvan is Marianne Williamson, de mediagenieke woordvoerster van de new age spiritualiteit. Op 12 oktober 2011 hield zij voor het stadhuis van Los Angelos een eloquente toespraak waarin zij haar steun betuigde aan de occupy beweging. De kern van haar boodschap was: “Keep it Smart … Keep it non-Violent …Keep it Growing”. Enerzijds gelooft zij dat het kapitalisme in zichzelf moreel en ethisch neutraal is. Anderzijds benadrukt zij dat het Amerikaanse kapitalisme haar morele centrum verloren heeft. In het huidige systeem worden economische waarden voor menselijke waarden gezet. “En dit betekent dat het goed is als onze kinderen honger lijden als je daar geld aan kunt verdienen. Wij zijn hier om daar nee tegen te zeggen.”

Zelfs het Vaticaan leek de occupisten te steunen. Op 24 oktober verklaarde de afdeling Rechtvaardigheid en Vrede dat de financiëe crisis een uiting is van “zelfzuchttigheid, collectieve hebzucht en grootschalig hamsteren van goederen” en veroordeelde “de verafgoding van de markt”. Zij bepleit een globaal gezag en belasting op financiële transacties om ethisch ondernemerschap te bevorderen en “een ethiek van solidariteit” tussen rijke en arme landen. Voor het hoofd van de afdeling voor Rechtvaardigheid en Vrede, kardinaal Peter Turkson, waren zijn uitspraken in lijn met de lange traditie van de progressieve sociale leer in de katholieke kerk [bron].

Geestelijken van diverse stromingen sloten zich direct aan bij de occupybeweging. In New York droegen geestelijken een Oudtestamentisch gouden kalf met zich mee in de vorm van de Wall Street stier om het valse idool van hebzucht af te keuren. Dan Sieradski organiseerde een Yom Kippur dienst. Zo’n 70 moslims knielden om naar Mekka te bidden in een vrijdagse gebedsdienst. Een groep uit Chicago, Interfaith Worker Justice publiceerde een interreligieuze gebedsdienst voor occupatieprotesten in het land. In Occupy Boston staat een Sacred Space tent, waar elk geloof of spirituele traditie welkom is. Wel schoenen uit voor je binnen mag. Daar zie je een beeld van Boeddha broederlijk naast een prent van Jezus.

    “We zijn een land vol met gelovige mensen. Geloofsgemeenschappen moeten aanwezig zijn en verwelkomd worden zodat dit een allesomvattende beweging kan worden die alle sectoren van de samenleving omarmt” [Dan Sieradski, organiseerde joodse diensten op OWS - bron].

De boodschap van de religieuzen en spirituelen is duidelijk: onze eenheid is fantastisch, maar met Jezus, Boeddha, Mohammed etc. aan onze kant zal het nog beter worden.

  • Marianne Williamson - Occupy LA - City Hall, 12.10.11
  • One Power - Een lied van Daniel Nahmod, geïllustreerd met beelden. Gemaakt voor de Interfaith Prayer Service for Peace.

Index


Uitdagingen voor protestbewegingen
Elke spontane, van onderop georganiseerde beweging krijgt, juist als zij succesvol is, al snel te maken met een aantal problemen waarvoor geen andere oplossingen bestaan dan verdergaande —geïnstitutionaliseerde en geformaliseerde— zelforganisatie. De belangrijkste problemen kunnen in vijf punten worden samengevat.
  1. Pragmatische problemen
    Protestbewegingen kunnen zich alleen verder ontwikkelen wanneer zij in staat zijn om een aantal praktische of operationele kwesties te regelen. Een protestbeweging die gedurende langere tijd op een bepaalde locatie bijeenkomt moet een aantal elementaire voorzieningen treffen, zoals stroom, toiletten, eten en drinken. Bij grotere manifestaties moet er bovendien voor gezorgd worden dat er geld wordt opgehaald en dat dit goed wordt besteed en dat daarom enige vorm van controle bestaat. Om deze (bewegingsinterne) voorzieningen te realiseren en financiële zaken te regelen moeten er taken en verantwoordelijkheden worden verdeeld.

  2. Interne menings- en besluitvorming
    Voor een daadwerkelijk open meningsvorming binnen grotere groepen is het minimaal nodig om ervoor te zorgen (i) dat de deelnemers voldoende geïnformeerd zijn om daadwerkelijk mee te kunnen doen, en (ii) dat zij ook voldoende kans krijgen om deel te nemen aan het formuleren en presenteren van alternatieve standpunten. Algemene vergaderingen zijn het sluitstuk van dit proces, waar uiteindelijk beslist kan worden over alternatieven die eerder kleinschaliger zijn besproken. Het romantische ideaal van een op volledige consensus gebaseerde vorm van besluitvorming loopt vooral stuk op de hardnekkige en misschien wel onuitwisbare diversiteit van morele overtuigingen. Een algemene vergadering zonder regels voor besluitvorming is slechts bij uitzondering in staat om een beslissing te nemen die door álle deelnemers wordt gedragen. Een enkelvoudige meerderheidsregel (50%+1) is daarbij slechts een van de vele opties. Welke beslissingsregel men ook hanteert, de ruimte voor minderheidsopvattingen moet worden gewaarborgd.

    Net als de Batavieren …
    Het klassieke romantische ideaal van een directe democratie waarin de ‘wil van het volk’ gearticuleerd kan worden bevat twee kernelementen: de samenkomst van het volk in een algemene vergadering en een afkeer van representatie. Dit ideaal werd het meest zuiver door Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) geschetst.

    In 1781 schreef in Nederland de aristocraat Joan Derk van der Capellen tot den Pol zijn patriottisch pamflet Aan het volk van Nederland. Zijn patriottisch-democratische boodschap was:

      “Van de vroegste tijden af zijn deze landen bewoond geweest door dappere en vrije volken. De Batavieren zijn de oudsten, waarover men inlichtingen heeft. Zij voelden de waarde van de vrijheid en kenden het juiste en enige middel om die vrijheid te bewaren. Zij lieten zich daarom niet regeren door lieden die zich zelf verkozen of door een ander —naar zijn goedvinden— gekozen werden; die bij gevolg niet van hen afhingen en hun geen rekenschap schuldig waren en waar zij, als ze niet goed regeerden, geen macht over hadden. De voornaamste zaken van hun land deden ze zelf af in hun algemene vergaderingen, waar het gehele volk gewapend bijeenkwam en elke Batavier evenveel te zeggen had.”
    Het pamflet van Van der Capellen was gericht tegen de corrupte Oranjegezinde regenten, die door hem fortuinzoekers werden genoemd. Zijn boodschap weerklonk 230 jaar later in iets andere woorden uit de monden van menig occupist.

  3. Beheersing van interne en externe balansverstoringen
    Sociale protestbewegingen die niet in staat zijn om interne en externe balansverstoringen op te lossen zijn niet levensvatbaar. Interne balansverstoringen treden op wanneer onderlinge conflicten ontstaan tussen de deelnemers of met bepaalde deelnemers. Als iemand tijdens een geweldloze demonstratie plotseling winkelruiten kapot slaat of agenten provoceert, dan moet daartegen door iemand iets worden ondernomen. Als sommige individuen een door demonstranten opgebouwd tentenkamp alleen gebruiken als gratis onderdak of om beestachtig te feesten, dan moeten zij op een of andere manier worden uitgesloten. Een robuuste protestbeweging kan alleen ontstaan wanneer dergelijke interne conflicten kunnen worden opgelost door interne sociale controle (disciplinering) of door sociale uitsluiting. Dit is echter alleen maar mogelijk wanneer de beweging zelf een aantal gedragsregels formuleert én ervoor zorgt dat deze ook daadwerkelijk worden gehandhaafd.

    Externe balansverstoringen zijn het gevolg van vijandige aanvallen van buitenaf. Vooral spontane en grootschalige protestbewegingen zijn uitermate vatbaar voor externe manipulaties. Zolang de toegang tot alle organen van de beweging volledig open (vrij toegankelijk) is en participatie nog niet aan bepaalde regels is gebonden, hebben vijandige krachten die de beweging in diskrediet willen brengen vrij spel.

  4. Lokale en virtuele participatie
    Sociale bewegingen ontstaan wanneer voldoende mensen gemobiliseerd worden om op een bepaalde plek bijeen te komen om daar een specifiek of algemeen protest te laten horen. Wanneer dit protest meerdere dagen of zelfs weken in beslag neemt, wordt het steeds moeilijker om grote aantallen mensen actief te laten participeren. Niet alleen omdat de deelnemers door de duurzame mobilisatie vermoeid raken, maar ook omdat zij in de regel ook andere verplichtingen hebben waardoor zij niet permanent fysiek aanwezig kunnen zijn.

    Het grote voordeel van de occupybeweging is dat zij grotendeels in de virtuele wereld is ontstaan en dat zij gedurende de lokale straatacties in staat geweest is om haar virtuele aanwezigheid en bereikbaarheid te versterken. Daarom heeft zij meer dan voorgaande bewegingen de mogelijkheid om mensen op meer of minder duurzame wijze in de virtuele beweging te betrekken. Maar ook dit vereist dat de beweging ervoor moet zorgen dat haar online organisatie met geavanceerde internettechnologieën wordt opgezet en onderhouden. Daarbij gaat het vooral om (i) het organiseren van groot- en kleinschalige online discussies, (ii) het faciliteren van processen waarin documenten (verklaringen, uitgangspunten, programma’s e.d.) kunnen worden becommentarieerd en geamendeerd, en (iii) het fraudebestendig organiseren van online stemmingen. Bovendien moet een bewegingsorganisatie ook online speciale voorzieningen treffen voor de opvang en waar nodig training van nieuwkomers — die niet op de hoogte (kunnen) zijn van alle eerder gevoerde discussies en eerder genomen besluiten.

    Van opwindend-alledaagse naar slaapverwekkend-hoogdravende politieke talen
    De occupybeweging in heel Europa vertoont hetzelfde algemene patroon. Eerst vinden er massale bijeenkomsten plaats waaraan duizenden en soms tienduizenden mensen deelnemen. Daarna worden de bijeenkomsten steeds minder bezocht. Dit is niet het gevolg van repressie, of van misleiding door de media. Het ontstaat van binnenuit.

    Tijdens de eerste grote bijeenkomsten spreken mensen met enorme passie over hun zorgen en verlangens. De occupisten zien de verwantschap en verschillen tussen hun eigen klachten en aspiraties en die van de andere deelnemers. Aanwezigen doen in zeer korte tijd een groot aantal opwindende, zelfs betoverende ervaringen op. Zij beleven de aanwezigheid van zoveel deelnemers als een bewijs dat zij niet de enigen zijn die fundamentele veranderingen willen aanbrengen in de (vooral economische) structuren en leefculturen van de samenleving. De deelnemers leren nieuwe feiten en worden geconfronteerd met nieuwe interpretaties. En zij leren vooral om daarover met elkaar te praten.

    Maar na een paar dagen en weken begint het karakter van de bijeenkomsten te veranderen.

      “Eerst waren het nieuwe mensen die gepassioneerd en verhalend vertellen waarom zij aanwezig zijn en wat hun hoop is voor hun toekomst. Zij vertellen diep gevoelde en tamelijk unieke verhalen. Daarna komen er meer ervaren sprekers die de aanwezigen trakteren op een lezing met geprefabriceerde visies. Hun voordrachten werden tot vervelens toe herhaald. Het luisteren naar robotachtige herhalingen en vaak voorspelbare en bijna geschreven hoogdravende taal werd vervelend en werkte vervreemdend. Soms was het zelfs vernederend” [Albert 2011].

    De onverstaanbaarheid van het politieke vertoog is niet de enige reden waarom het aantal deelnemers aan algemene vergaderingen afneemt. Zelfs als de deelnemers in staat waren om de politieke talen te verstaan waarin de problemen en oplossingen worden gedefinieerd, dan moest daarover ook nog eens een consensus tot stand worden gebracht. In eerste instantie was het zoeken naar consensus een nieuwe uitdaging die met geestdrift werd aangegaan. Maar na enige tijd wordt het moeizame zoeken naar consensus een marteling. Meer en meer mensen gaan het als een tijdverspilling beschouwen en stemmen met de voeten, d.w.z. ze vertrekken.

  5. Externe representatie
    Om zich te verduurzamen moet elke sociale beweging het vermogen ontwikkelen om zichzelf naar een breder publiek min of meer coherent, maar in ieder geval verstaanbaar te presenteren. Bovendien moet een sociale beweging in staat zijn om bondgenoten aan te spreken en daarmee gesprekken en programmatische besprekingen aan te gaan. Daarvoor is het minimaal noodzakelijk dat de bewegingsorganisatie een of meerdere personen aanwijst die dergelijke taken gedurende langere tijd of roulerend te vervullen. Ook dit betekent een verdergaande taakdifferentiatie en -delegatie.

    Het is van belang dat deze organisationele taakverdeling transparant (en dus ook formeel) moet worden geregeld en dat de verantwoordelijkheden die aan mensen of organen worden overgedragen duidelijk worden afgebakend en in tijd worden getermineerd. Indien dit niet gebeurt ontstaan er in de schijnbaar spontane bewegingen al snel informele leiders waarvan het gedrag niet is ingebed in de organisatiestructuur van de beweging. Juist de miskenning van dit informeel leiderschap maakt de weg vrij voor een autoritaire ontwikkeling (elitevorming).

Ook, of misschien wel juist de opkomst van de occupybeweging heeft laten zien dat deze vier problemen nog steeds in alle scherpte ter tafel komen, zodra het initiële enthousiasme is uitgedoofd en de beweging zichzelf moet heruitvinden om de volgende stappen te kunnen ondernemen.

Index


Occupy definieert haar eigen knelpunten
Na lange interne discussies en intensieve voorbereiding door de werkgroep Structure nam de algemene vergadering een document aan waarin voorstellen worden gedaan voor een aantal wijzigingen in de structurele opbouw van de occupybeweging in New York. In dit document, OWS Structure Proposal, worden op basis van de eigen ervaringen een aantal knelpunten omschreven. In het structuurvoorstel wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe deze problemen kunnen worden opgelost zonder de niet-hiërarchische aard van Occupy Wall Street aan te tasten.

Index


Occupybeweging organiseert zichzelf lokaal en virtueel
De occupybeweging is een zichzelf organiserende beweging die weliswaar geen vaste structuurpatronen vertoont, maar in het proces zelf wel degelijk een specifieke organisationele vorm ontwikkelt.

Op 30 november 2011 besloot de algemene vergadering van het Liberty Square in New York om een nieuw coördinerend lichaam op te richten, de Spokes Council. Het voorstel voor deze SpakenRaad was uitgewerkt door de werkgroep Structure. Deze werkgroep was zelf ontstaan uit de vele discussies tijdens de algemene vergadering over de behoefte aan een orgaan dat verantwoordelijk is voor beslissingen rond de bezetting.

De taken van de SpakenRaad zijn (i) effectieve coördinatie tussen Operationele Groepen en plenaire bijeenkomsten (Caucuses); (ii) het nemen van financiële beslissingen en het afleggen van verantwoording daarover; en (iii) het verbeteren van het vermogen van de Algemene Vergadering om de discussies van de beweging te verbreden.

Geen Sovjetraad
In de hele wereld hebben sociale bewegingen altijd gebruik gemaakt van raden om mensen te mobiliseren. Het ideale model van directe democratie is niet het Sovjet-model. “We hebben geen behoefte aan een raad van Sovjets en een nieuwe stoet pseudo-representatieve politici” [Etan Ben Ami, 22.10.2011]. Sommige argwanende deelnemers beschouwen de SpakenRaad als een manier om macht te ontnemen van de Algemene Vergadering en de weg vrij te maken voor een zichzelf selecterende elite. Het organisatievoorstel voegt nieuwe hiërarchische lagen toe aan een structuur die in hun ogen zo plat mogelijk moet zijn. Een enkeling denkt dat het probleem ligt in de term Spokes Council, omdat dit sterk doet denken aan spokesman, wat inderdaad een vertegenwoordiger is.
De SpakenRaad is een direct democratische structuur die geïnspireerd werd door tal van andere democratische strijdbewegingen van vroeger en nu. Daarbij worden onder andere genoemd: de Spaanse revolutie, de Quakers, diverse inheemse bewegingen (zoals de Zapatistas in Chiapas), de vrouwenbeweging, de antinucleaire beweging, de Global Justice Movement in de V.S en de beweging die in China ontstond uit de strijd op het Tiananmen Plein.

De structuur van de SpakenRaad is vergelijkbaar met de spaken van een wiel: het combineert de participatie in grote groepen (zoals de Algemene Vergadering) met het overleg- en consensusproces in kleine groepen. Elke groep selecteert een spaak die samen met de andere spaken een kring vormt in het midden van de vergaderruimte, waarbij de rest van hun groep direct achter hen zit. De spaken hebben geen gezag en zijn geen besluitvormers. Alle onderwerpen van de agenda worden met alle leden van hun groep besproken. De spaken zijn verantwoordelijk voor het communiceren van elke diversiteit van sentimenten die binnen hun groep bestaat naar de rest van de SpakenRaad. De spaken roteren bij elke vergadering en kunnen op elk moment door hun groep worden teruggehaald.

Spokes Council
Model van de SpakenRaad

Net als bij de Algemene Vergadering worden de beslissingen in de SpakenRaad genomen op basis van gemodificeerde consensus. Als er geen consensus bereikt kan worden dan wordt er gestemd. Tenminste 10% van de groep moet tegen een voorstel stemmen om het te verwerpen. Alle bijeenkomsten van de SpakenRaad worden uitgezonden via de livestream: www.livestream.com/occupynyc. Alle notulen en alle budgettaire details van de SpakenRaad worden met behulp van een open-source technologie gepubliceerd op de website NYCGA.net.

De SpakenRaad houdt zich bezig met vier typen beslissingen: (i) logistieke operaties; (ii) financiële operaties; (iii) het toevoegen of uitvoegen van Operationele Groepen en Caucasus aan de SpakenRaad, en (iv) het wijzigen van het functioneren van de SpakenRaad voor zover dit de macht van de Algemene Vergadering niet aantast.

De General Assembly (GA) blijft het hoogste orgaan van de OWS-beweging. Zij is bevoegd om alle beslissingen te nemen over:

Operations Groups (OGs) zijn groepen die regelmatig bijdragen aan de logistieke en financiële operaties van Occupy Wall Street. Het zijn open groepen waar iedereen in kan participeren. Zij kunnen alleen mensen uitsluiten die herhaaldelijk het groepsproces verstoren of zich zodanig gedragen dat zij de solidariteitsprincipes van de Algemene Vergadering schenden. De OGs moeten op schrift stellen wat zij doen en hoe mensen erin kunnen participeren.

Movement Groups (MGs) zijn groepen die bijdragen aan de Occupy Wallstreet beweging. Zij zijn autonoom en kunnen op projectbasis samenwerken met OGs.

Caucasus zijn zelfstandige groepen mensen die een gemeenschappelijke ervaring delen van het systematisch gemarginaliseerd zijn in de samenleving als geheel.

Index


Open source democratie: online algemene vergadering?
Op 12 november deed Benjamin van de werkgroep Think Thank een voorstel voor een realtime Online Algemene Vergadering (OAV). Zo’n OAV wordt op een bepaald tijdstip door de facilitator gepland. De facilitator kan altijd spreken en kan andere taken en rollen verdelen. Andere rollen zijn bijvoorbeeld TijdBijhouder en SprekersRij.

De grafische interface moet een aantal knoppen bevatten die deelnemers tijdens de vergadering kunnen gebruiken, zoals Goedkeuring, Ambivalent, Afkeuring en Blok voor antwoorden op wat gezegd wordt. HandOmhoog om je als spreker aan te melden.

Het grote voordeel van een dergelijke virtualisering van de discussie en besluitvorming is dat hierdoor meer mensen in de gelegenheid gesteld worden om actief aan het hele proces deel te nemen. Bovendien haalt het de drempels weg voor mensen die zich door grote massa’s geïntimideerd voelen en die wel online zouden willen participeren. En tenslotte fasiliteert het de deelname van mensen die zich slechts parttime voor de beweging kunnen en/of willen inzetten. Zij kunnen dan zelf het tijdstip kiezen waarop zij een grotere of kleinere, regelmatige of infrequente bijdrage aan de beweging leveren.

Het voorstel was weliswaar niet bedoeld als vervanging van de lokale Algemene Vergadering, maar stuitte toch op veel bezwaren. Sommige deelnemers vrezen dat hierdoor juist mensen worden uitgesloten (die geen computer hebben) en stellen dat je met online forums geen gemeenschap tot stand kan brengen. Een enkeling hamert er op dat een bezetting plaats vindt in een fysieke ruimte en dat een Algemene Vergadering ook in die ruimte georganiseerd moet worden.

Consensus lijkt alleen te bestaan over de noodzaak om meer burgers in het proces van menings- en besluitvorming te betrekken alsmede om dat proces ook online voor iedereen wereldwijd zichtbaar te maken. Over de stappen die men kan nemen om het proces van menings- en besluitvorming van de Algemene Vergadering te transformeren in een open online discussie lopen de opvattingen uiteen. De meest vergaande stap is om de hele conversatie zo in te richten dat iedereen daar op elk gewenst tijdstip aan kan deelnemen, en dat mensen ook toestaat om te stemmen over resoluties, programmapunten en andere voorstellen. Internet biedt hiervoor de technologische middelen, en een groot deel van de mensen beschikt over de kennis en vaardigheden om in zo’n virtuele directe democratie te participeren.

Netwerk van vertrouwen
Middels een innovatief mechanisme voor gebruikersverificatie kan ervoor worden gezorgd dat alleen mensen die zich aan lokaal activisme hebben gecommitteerd een stem krijgen. OpenAssembly is zo ontworpen dat het beveiligd kan worden tegen gebruikers die het systeem willen manipuleren.

Met de ‘Anonymous Random Photo Verification’ wordt nagegaan of de gebruikers echte mensen zijn die ook in de lokale wereld actief willen zijn. Een aspirant gebruiker moet een foto van zichzelf en een van een andere activist indienen (uploaden). Beide gezichten moeten duidelijk herkenbaar zijn. Naarmate er meer foto’s van jou in het systeem worden opgeslagen bepalen andere geverifieerde gebruikers —anoniem en steekproefsgewijs— of er één enkele persoon is in elk paar foto’s van jou. Het netwerk van vertrouwen groeit zowel in het lokale als in het virtuele leven. OpenAssembly beslist op basis van geverifieerde gebruikers.

Open Assembly is een platform voor open source democratie waar iedereen aan kan deelnemen. Het programma is ontworpen om gedecentraliseerde groepen te ondersteunen bij het nemen van beslissingen. Als je eenmaal lid bent kun je eigen bijdragen leveren (suggesties, voorstellen enz.) waarop andere leden commentaar kunnen leveren en waarover zij kunnen stemmen. Andere opties zijn het opbouwen van argumenten voor of tegen een bepaald beleid, het bouwen van je eigen politieke platform, het toevoegen van verwijzingen en informatie, het creëren van werkgroepen en het coördineren van directe acties. Het is een goed voorbeeld van een internet platform voor directe democratie.

Index


Occupybeweging in V.S. onder druk
Na twee maanden protesteren en bivakkeren stuitte de Amerikaanse occupybeweging op steeds grotere tegenstand. De grote menigtes waren er nog steeds, maar in diverse steden probeerden de autoriteiten de occupisten uit hun tentenkampen te verdrijven. Als reden wordt aangevoerd dat de kampen onveilig en ongezond zijn en dat zij overlast veroorzaken. Maar sommige politici menen dat de beweging haar oorspronkelijke doel voorbijgeschoten is.

De oproerpolitie ontruimde tentenkampen in Oakland, Portland (Oregon), Philadelphia en Salt Lake City. In andere plaatsen patrouilleert de politie steeds regelmatiger bij occupylocaties.

In opdracht van de burgemeester van New York, Michael Bloomberg, werd op dinsdagochtend 15 november rond 1:00 uur het kamp aan het Zuccotti Park ontruimd door politie in gevechtsuniform. Voor de ontruiming werden pamfletten in het park verdeeld waarin aan de demonstranten gevraagd werd om het park te verlaten. Wie niet uit eigen beweging weg zou gaan, zou gearresteerd worden. Zo’n 200 personen werden op het plein en de omliggende straten gearresteerd.

Direct daarna begonnen de occupisten zich via hun sociale netwerken te reorganiseren. In de loop van de morgen trokken ze in grote groepen door Downtown Manhattan, onder de leuze: “herover Wall Street”.

De occupisten in New York vertoonden een opmerkelijk optimisme. “Srew us, and we multiply”, was de gedachte. De meeste demonstranten dachten dat het politieoptreden alleen maar olie op het vuur betekende.

Op het internet ontspon zich direct een brede discussie over de vraag: “What should happen next?” Het wegslaan van de top van de mast (het tentenkamp in het park), betekent in ieder geval niet dat de kern van de beweging is geraakt. Bij een zo massale beweging zonder vaste kern is dat onmogelijk. Het meest opvallende is dat de hergroepering van de occupisten zich primair via de virtuele ruimte voltrekt, maar gepaard gaat met directe collectieve acties en demonstraties in de fysieke publieke ruimte.

Hoe lobbyisten Occupy Wall Street kapot willen maken
Op 19 november lekte een plan uit dat vooraanstaande lobbyisten voor een van hun cliënten hadden opgesteld om de Occupy Wall Street (OWS) de nek te breken. Voor slechts $850.000 zouden zij OWS aanpakken en de politici die sympathie voor de protesten tonen. Voor dat geld zou een “opposition research” worden uitgevoerd naar OWS teneinde “negatieve verhalen” over het protest en daaraan verbonden politici te verspreiden.

Het voorstel werd geschreven door de lobbyfirma Clark Lytle Geduldig & Cranford en was geadresseerd aan een van CLGC’s klanten, de American Bankers Association [ABA]. Tussen 2007 en 2011 verdiende de firma $8.475 miljoen met lobbyen voor de belangrijkste ondernemingen [Opensecrets.org].

Volgens het memo zou een overwinnning van de democraten in 2012 schadelijk zijn voor Wall Street. Als democraten de occupybeweging volledig zouden omarmen, zou dit veel meer betekenen dan een kortstondig politiek ongemak voor Wall Street.

    “Als men toestaat dat het belasterren van de toonaangevende bedrijven in deze sector de onbetwiste kern van de Democratische campagne wordt, heeft dit potentieel zeer langdurige politieke, beleidsmatige en financiële effecten op de bedrijven die zich in het midden van de roos bevinden” [bron].
De lobbyisten wijzen echter ook en vooral op het gevaar dat republikeinen zozeer door de occupybeweging onder druk worden gezet dat zij niet meer bereid zijn om de Wall Street ondernemingen te steunen.

Twee van de vier lobbyisten, Sam Geduldig en Jay Cranford, zijn voormalige assistenten van de republikein John Boehner (Ohio). Een woordvoerder van de Amerikaanse Bank Associatie bevestigde dat zij het memo hadden ontvangen, maar dat hiertoe geen opdracht was gegeven.

In het CLGC memo wordt nog een ander onderwerp naar voren gebracht waarover de financiële bedrijven zich zorgen zouden moeten maken, namelijk een mogelijk samenvloeien van de OWS en de Tea Party:

    “Bekende bedrijven op Wall Street staan op het knooppunt waar het vertoornde populisme van OWS-demonstranten en de Tea Party elkaar overlappen. … Deze combinatie is potentieel explosief later dit jaar wanneer de media de volgende ronde van de bonussen verslaan en dit contrasteren met de verhalen van miljoenen Amerikanen die het met minder moeten stellen tijdens de komende feestdagen” [bron].
In 60 dagen zou een onderzoek gedaan kunnen worden naar de achtergronden van vooraanstaande occupisten en naar degenen die OWS financieel steunen.
    “Het is van vitaal belang om te begrijpen wie het financiert, wat hun achtergronden en motieven zijn. Als we kunnen aantonen dat ze dezelfde cynische motivatie hebben als een politieke tegenstander, zal dat hun geloofwaardigheid ernstig ondermijnen” [bron].
Het document van CLGC illustreert precies wat de weeffout is van het huidige stelsel: het geld en de politieke macht zijn zodanig met elkaar verweven dat het geld bepaalt wie politieke macht krijgt en wie niet. Het is een plan dat republikeinen in staat stelt om WallStreet te steunen en OccupyWallStreet te ondermijnen. Het circus van lobbyisten speelt hierin een cruciale rol. Zij laten zich dik betalen om de republikeinse partij te coachen bij hun poging om de belangen van de 1% veilig te stellen. Sam Geduldig, prominent partner van CLGC, laat zich erop voorstaan dat hij weet hoe hij politieke en juridische bedreigingen voor zijn cliënten uit de weg kan ruimen: “knows how to kill legislative threats to his clients.”

Eén ding lijkt duidelijk: de bankiers en hun politieke adviseurs zijn nerveus geworden van de occupybeweging. Het probleem is dat de beweging geen hoofd heeft dat er af geslagen kan worden.

Index Occupy_nl

De occupybeweging heeft zich snel over de hele wereld verspreid. De wereldwijde ontwikkeling van de occupybeweging wordt op internet tot uitdrukking gebracht in de site: Occupy Together

Ook in Nederland vinden er in navolging van Occupy Wall Street sinds 15 oktober 2011 occupyprotesten plaats. Op die dag vonden de eerste demonstraties en manifestaties plaats in de vier grote steden van de Randstad: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht. Zowel in Amsterdam (Beursplein) als Den Haag (Malieveld) werden er tentenkampen opgezet, en iets later ook in Utrecht (Ganzenmarkt), Rotterdam (Beursplein) en Haarlem (Parklaan).

Uiteraard zijn ook de Nederlandse occupisten sterk vertegenwoordigd op het internet. Het volgende overzicht geeft hiervan een beeld.

Het is niet meer dan een momentopname van het wolkkarakter van de occupybeweging. Wat zijn de eigenaardigheden van de Nederlandse wolkbeweging die vaart onder de vlag van occupy? Om zicht te krijgen op zowel lokale als virtuele eigenaardigheden van Occupy_Nl, maken we een korte wandeling langs de steden waarin de beweging zich manifesteert.


Klik om te vergroten

Index


Amsterdam
Londense tenten
Journalisten van The Daily Telegraph al eerder beweerd dat in Londen hadden slechts 1 op de 10 tenten ’s nachts werd bewoond. De media hype over de lege tenten werd via The Times, Daily Mail, Daily Express verder verspreid. De Occupy-Britain beweging stelde zelf een onderzoek in. Met precies dezelfde thermische camera lieten zij zien dat je met deze camera niet kunt zeggen of er mensen in tenten zitten. Zie de YouTube-video: Exposed: Media fabricated ‘empty’ story at OccupyLSX.
In de nacht van 26 op 27 oktober trokken nieuwsgierige journalisten van Editie.nl (RTL) met een infraroodcamera naar het Amsterdamse Beursplein. Daar filmde zij de tenten van het occupy-kamp. Daaruit bleek dat zo’n 80 tot 90 procent van de tenten leeg was. “Dat betekent dat de occupy-ers niet op het Beursplein slapen, maar in hun eigen bed. ’s Nachts wordt het plein dus niet gebruikt” [bron]. De VVD verklaarde bij monde van Robert Flos dat zij ‘geschokt’ waren door deze onthulling, en dat er onmiddellijk een einde gemaakt moest worden aan het tentenkamp op het Beursplein.

De NOS-verslaggeefster Arlene Gelderblom kon zonder speciale warmtecamera constateren dat er van het sensationele bericht van RTL niets klopte. “Ze zijn er wel”, is haar conclusie. Slechts een stuk of drie of vier van de meer dan honderd tenten zijn niet bezet, de rest wel [Nos - Bij In #occupyamsterdam slapen ze wel in hun tent - 26.10.11].

Uiteraard is voor de meeste deelnemers niet het slapen maar het protest het hoofddoel. Een deel van de tenten is leeg omdat ook actievoerders andere verplichtingen hebben. De meeste mensen zijn nu eenmaal niet in staat om altijd fysiek aanwezig te zijn.

De twee gemeenschappelijke slaaptenten op het Beursplein worden elke nacht beslapen door tientallen mensen. De beweging controleert zelf welke andere tenten beslapen worden (d.m.v. lintjes aan de ritsen van de tenten) en ruimt zelf tenten op waar niemand in slaapt. De activisten hebben ook besloten om zwervers en buitenlanders die alleen maar een gratis onderdak zoeken uit het tentenkamp te verwijderen.

Het Beursplein raakte steeds voller. Met meer dan 120 tenten werd het plein bomvol. De organisatoren gingen op zoek naar een tweede locatie voor de mensen die nog een tent op wilden zetten.

Zich beroepend op de nadelige effecten voor de omringende ondernemers (C&A) stelde burgemeester Van der Laan voor om het hele tentenkamp te verhuizen naar het hol van de leeuw: de Zuidas, “waar je ook tegen het grootkapitaal goed kunt demonstreren” [Van der Laan]. Verhuizen naar een onzichtbare Zuidas? Daar waren de occupisten niet voor te porren. “We zitten hier omdat hier de beurs is en omdat hier het kapitalisme überhaupt geboren is.” [AT5 Nieuws 31.10.11].

Net als bij alle occupybewegingen kwam er ook in Amsterdam langzamerhand meer structuur in de organisatie van het kamp. Er worden taken en verantwoordelijkheden verdeeld voor praktische taken, zoals het opzetten en onderhouden van wc’s en wasgelegenheid, van keukentent en muziektent. Maar er wordt ook een beveiligingsgroep opgericht die controleert op overlast, een groep die contacten met media regelt en er worden visiegesprekken georganiseerd om tot gezamenlijke ideeën te komen.

Index


Amsterdam Museumplein
Op vrijdag 28 oktober werd als uitbreiding van Occupy Beursplein het demonstratiekamp Museumplein gestart. In een interview op AT5 verklaarde Van der Laan dat het nadrukkelijk niet de bedoeling is om op het Museumplein te overnachten: demonstreren in Amsterdam mag wel, wildkamperen niet. Mochten er toch tenten staan dan zou hij de politie opdracht geven om in te grijpen. “Één plek waar dat gebeurt is genoeg.” De Occupy Museumpleingroep kreeg te horen dat zij voor 23:00 het Museumplein dienden te verlaten en dat zij daar ’s morgens om 07:00 uur terug konden komen. Voor de occupisten was dit uiteraard niet acceptabel. Uiteindelijke worden om 23:15 uur de tenten toch afgebroken. Maar de volgende morgen stonden ze er weer.

De occupisten van het Museumplein noemen hun plek “een veiliger, schoner en transparanter kamp dan welk Occupy-kamp ook”. Zij benadrukken dat hun kamp geen afsplitsing is van de occupybeweging op het Beursplein, maar een uitbreiding.

“Er is geen ruzie”, verklaarde de initiatiefnemer van deze ‘uitbreiding’ Robert Ernst. “Ik heb met de mensen hier [op het Beursplein] afgesproken om naar het Museumplein te verkassen. We houden contact met elkaar” [bron]. Maar al snel bleek dat er helemaal geen overleg geweest was met de mensen van Occupy Beursplein. Robert had op eigen houtje, zonder dit eerst voor te leggen aan de Algemene Vergadering, een persbericht verstuurd met de boodschap dat er een tweede tentenkamp zal worden opgezet op het Museumplein. Op de algemene vergadering van 27 oktober laat ‘de heer Robert Ernst’ weten dat hij een fout heeft gemaakt en dat hij daarvoor zijn excuses wil aanbieden.

Robert Ernst kondigde aan dat hij de volgende dag een gesprek met burgemeester Van der Laan zou voeren. Maar de Algemene Vergadering stelde vast dat het niet mogelijk was dat wie dan ook kan spreken met de burgemeester namens de occupybeweging. Als de burgemeester graag wil spreken met Occupy Amsterdam, dan is dat slechts mogelijk door deelname aan de Algemene Vergadering. Verder betreuren de aanwezigen het “dat er in de media een suggestie is gewekt dat er sprake zou zijn van een scheuring in de occupybeweging” [idem].

Uit de woorden van Robert Ernst blijkt waarom er in kamp Museumplein zoveel nadruk wordt gelegd op veiligheid:

Op 30 oktober laat Robert Ernst weten dat hij zich uit de occupybeweging terugtrekt om verder te gaan met solliciteren.

Robert Ernst: “Gooood morning everyone! Have a GREAT day!”
Op Facebook geeft Robert Ernst een verslag van zijn eigen ontwikkeling. Vanaf 30 oktober 2010 plaatste hij meestal meerdere keren per dag berichten waarin hij iedereen, de hele wereld een goede morgen, en vooral goed weer toewenst.

Pas op 5 oktober 2011 schrijft hij een eerste bijdrage waarin hij zich uitlaat over politiek:

    “Griekenland maakt er een zooitje van, maar staken kunnen ze wél! HEEL het land gaat plat, RESPECT. Leermoment voor NL?”
Op 11 oktober betuigt hij zijn instemming met het initiatief voor Occupy Amsterdam en begint hij de dagen tot de demonstratie af te tellen. “Zou het echt kunnen hiero?”, vraagt hij zich af.
    “Occupy Amsterdam komt eraan, zelfverrijkers, bonustrekkers & egoïsten zullen op zichzelf komen te staan. Dan komt een olifant met lange snuit, en blaast die shit de wereld uit! Hoera voor de oprechten!!!” [12.10.11]
Op 23 oktober staat hij met een tent midden op het Beursplein, “en straks eerste camera interview! Eindelijk mag ik meedoen!” Hij vindt wel dat de opzet van Occupy Amsterdam wat meer hedendaags moet worden, “gezien waar men tegenover staat”, maar is het helemaal eens met het (niet geformuleerde) basisidee. Op 25 oktober laat hij weten dat er een nieuw kamp komt en dat hij bezig is met een persbericht. Maar zijn grootste zorg blijft toch zijn eigen aanwezigheid in de pers.
    “Yessss NOS journaal was in mijn tent! Check nieuws… NOS komt zo terug voor groter interview, ENDWLIJK..!!!”
Naarmate hij meer in het nieuws komt nemen de uitroeptekens in zijn schrijfsels op Facebook toe. De volgende dag vertelt hij trots dat hij een gesprek heeft gehad met de politie en de gemeente. “Hopenlijk nu DWDD of Paul&Witteman.” Zijn ambitie is duidelijk: hij zoekt het hogerop in de publicitaire hiërarchie. Robert geniet ervan en steekt dat niet onder stoelen of banken: “Ben GEK gebeld door media … héérlijk!” (en zijn fan-door-dik-en-dun Femke vraagt alvast of zij naast hem op de rode loper mag).

Langzaamaan begint Robert messianistische boodschappen uit te zenden: “Volg mij hier wat waarheid is ipv nieuws!” Alle mediaoptredens worden minutieus gemeld, zelfs het feit dat er twee jonge reporters van de Volkskrant in zijn tent slapen.

  • “Kijk allemaal even POW news.” [26.10.11]
  • “Nu op weg naar live opname AT5: Heb er zin in.” [27.10.11]
  • “Zou fijn zijn om deze week in DWDD of ander programma mijn eigen zegje te doen” [31.10.11]
Dit laatste zou Robert niet meer meemaken. Vanaf 1 november 2011 worden we weer dagelijks vriendelijk gegroet, en vertelt hij hoe het weer er uit ziet.
    “Goedemorgen allen, vandaag komt Sint aan in A’dam, Stralend weer! Wens iedereen een fijne zondag, what ever you do…!” [13.11.11].
Slechts twee uitroeptekens.

Eind oktober vertrekt ook Vincent Malszky uit het kamp op het Museumplein. Op 28 oktober had Vincent de Facebook pagina voor het Museumplein aangemaakt en eigenhandig volgeschreven. Maar op 31 oktober keert hij de occupybeweging abrupt de rug toe. Wat was er in zijn ogen gebeurd?

Op 26 oktober schrijft hij een brief aan het mediateam van Occupy Amsterdam. Daarin maakt hij duidelijk dat dit team “in een grote interne oorlog verwikkeld” is. Hij had een kritische brief naar het team gestuurd, waarop hij onmiddellijk uit de mediagroep werd gegooid. Zijn inlog op de livestream werd geblokkeerd evenals zijn toegang tot de Facebookgroep Occupy Amsterdam.

Deze drastische uitsluiting had hij te danken aan zijn —in het Engels opgestelde— brief waarin hij de leden van het mediateam bijeenriep om te praten over het organisationele model en structuur, over de taakverdeling, over huis- en werkregels, en over de opzet van communicatielijnen.

De directe aanleiding hiervoor was dat hij ondanks de vele, vooral ook nachtelijke, uren dat hij bezig was om de chat te modereren en om antwoord te geven op de vele vragen die gesteld werden, niemand anders beschikbaar was om dit werk te doen als hij zelf even moest slapen. Bovendien kreeg hij op de chat te maken met diverse verwensingen en doodsbedreigingen.

Zijn kritiek op de occupybeweging in Amsterdam is snoeihard. De beweging representeert niets waarin hij zich herkent, zij representeert in ieder geval niet Occupy.

Op 12 november wordt kamp Museumplein opgebroken. “Er is niemand op het Museumplein”, wordt geconcludeerd. De boodschap wordt nog optimistisch verpakt:

Zo kwam op het Museumplein een nogal treurig einde aan een protestbeweging die niet in staat was om zichzelf te beheren.

Index


Rotterdam
In Rotterdam werd op 15 oktober opgeroepen om in beweging te komen voor “een vreedzaam en glashelder protest: het is gedaan met de lobbycratie. Niet langer accepteren we dat een vervlechting van banken en overheden ons regeert. Dat we geacht worden lijdzaam ‘the biggest robbery ever’ te ondergaan. Dat banken ‘too big to fail’ worden genoemd, alsof al het andere er niet toe doet. Dat we, nu ze willen bezuinigen ‘om de Euro te redden’, plots geacht worden zelfredzaam te zijn. Het is gewoon mooi geweest met al die leugens, al die corruptie en al die zelfverrijking over de ruggen van de massa.”

De occupybeweging is meer dan “een camping-revolutie van multitaskers.” De Rotterdamse occupybeweging beschouwt zichzelf als “een proces dat langzaam vorm krijgt, zijn weg zoekt om de lading die het heeft over te brengen op wie het aangaat.”

De eerste OccupyRotterdam mars vond plaats op 22 oktober. “Toon Rotterdams lef en sluit je aan! Geef op kleurrijke en creatieve manier uiting aan je ongenoegen.” Zo’n 150 mensen gaven gehoor aan deze oproep.

Part-time x Part-Time = Full-Time Occupy Rotterdam
De parttime occupy is een Rotterdamse vinding voor de oplossing van een bekend probleem: mensen kunnen niet blijven demonstreren of discussiëren. De meeste mensen hebben nog andere verplichtingen —
“in Rotterdam moet gewerkt worden.”
Zaterdag 29 oktober ging tweede occupy-protestmars van start. Deze begon met een ‘kabaalmars’ door de binnenstad. Ook de aansluitende manifestatie op het Beursplein (met als thema: “Kind van de Rekening”) werd goed bezocht. Besloten werd om die nacht met zeven mensen op het plein te overnachten.

Zaterdag 5 november werd op de trappen aan het Beursplein de eeuwenoude traditie van Het Forum nieuw leven ingeblazen. De occupisten presenteerden hun gedachtegoed en gingen daarover met alle aanwezigen in discussie.


QR-code
Op vrijdagavond 11 november opende OccupyRotterdam op de trappen van het WTC haar 1-daagse Occupy Open Air Restaurant. Voorbijgangers kregen coupons uitgereikt die zij konden inwisselen voor een door de occupisten bereide Happy Meal. Aansluitend kwam de Algemene Vergadering bijeen.

Ingebakken vaagheid, parttime occupisme en I-occupy
De algemene klacht waarmee alle occupisten geconfronteerd worden is dat het doel van de hele beweging nogal vaag is. Wat zijn jullie eisen? Waar protesteer je tegen? Of waar demonstreer je vóór?

Dat zijn vragen waar William Strong op 23 oktober in de Facebook pagina van OccupyRotterdam een antwoord geeft.

    “Die vaagheid in het begin is expres ingebakken in de Occupybeweging. Het is heel sterk van onderaf en lokaal georganiseerd, en in Rotterdam bovendien nog vrij kleinschalig (maar groeiende!).

    In overleg heeft onze kleine […] groep besloten om allereerst zoveel mogelijk mensen in de regio bij de Occupybeweging te betrekken. Om de dialoog aan te gaan. Om te kijken wat er speelt in én om de stad — en om de dialoog en de discussie tussen mensen te stimuleren. Op de bank thuis, op straat en op de werkvloer.

    Als je met een kleine groep mensen in een vroege fase een koers gaat trekken, dan sluit je bij voorbaat veel anderen uit van deelname — anderen die wél waardevolle inzichten en ideeën hebben, die ook verbetering willen zien.

    Die ideeën en inzichten, die willen we juist verzamelen en delen; dat kan alleen als we voorkomen dat er een stempel op de Occupybeweging wordt gedrukt. Inclusief zijn. Niet gecoöpteerd of gestereotypeerd worden. Niet geradicaliseerd raken.”

Dit is in de ogen van William de gemeenschappelijke basis van OccupyRotterdam. Iedereen zit daar als individu en op persoonlijke titel.

    “Ik zie en hoor de hele dag om me heen dat mensen die zeer uiteenlopende politieke en economische achtergronden hebben, steeds weer die common ground vinden; dat de redelijkheid regeert in elk gesprek en dat er respectvol naar elkaar wordt geluisterd.”
In OccupyRotterdam lijkt de redelijkheid te regeren. Dat is een redelijkheid die zijn kracht ontleent aan het activeren en includeren en minder in het protesteren tegen of demonstreren vóór. Onderdeel daarvan is de drempelverlagende aandacht voor mensen die niet in staat zijn om langdurig meetings en vergaderingen bij te wonen of in protestoptochten mee te lopen. In Rotterdam kun je heel goed parttime occupist zijn. Occupisme is “voor wie een uurtje over heeft”. Alleen zo kun je bouwen aan het begin van een bredere egalitaire of antikapitalistische beweging. Daarbij valt op dat in OccupyRotterdam sterk de nadruk wordt gelegd op de fysieke aanwezigheid, de mogelijkheden van virtuele aanwezigheid (I-occupy) worden nog niet echt verkend.

Index


Den Haag
Het Malieveld is vanouds de plek waar demonstranten in Den Haag bijeenkomen. De Haagse occupybeweging bouwde daar haar tenten op. Het werden er ongeveer 23 en dus was er nog ruimte genoeg voor uitbreiding. Hun activiteiten zijn hetzelfde als in andere steden. Vooral discussiëren, de hele dag door. Over het financiële systeem, over de politiek, over de groeiende kloof tussen arm en rijk. “Geef ons de tijd”, zeggen ze als er om een eenduidige boodschap wordt gevraagd. In algemene vergaderingen wordt de meningsvorming afgerond en worden op democratische wijze beslissingen genomen: over van alles en nog wat.

De Haagse occupisten hebben een eigen site (met een open forum), een Facebook pagina en een Twitter account.

Op 7 november publiceerde Steven de Jong in de NRC het artikel: ‘Speelkwartier Occupy is voorbij. Tien adviezen om door te stoten’. Daarin geeft hij de tips weer die Naomi Wolf (revolutiedeskundige) en Eliot Spitzer (oud-gouverneur New York) gaven aan de occupybeweging.

Occupy Den Haag pakte de handschoen op en besloot er de volgende avond een online discussie aan te wijden. Voor deze discussie werden alle lezers van nrc.nl uitgenodigd.

Vanuit een tent op het Malieveld werd een videoverbinding gelegd met de kampementen in Dordrecht, Alkmaar en Rotterdam. Honderden mensen konden via een chatvenster commentaar geven op de discussie. De vragen van dit publiek worden door moderator Robert Julius aan zijn gesprekspartners voorgelegd. Het verslag van de NRC, Occupy is iedereen laat zien dat het een goed initiatief was, waardoor de Haagse occupisten de kans kregen om hun opvattingen en visies voor een breder publiek direct naar voren te brengen. In de pauze wordt een van de indringendste toespraken uit de geschiedenis getoond: Charlie Chaplin die in The Great Dictator de wereld in 1940 waarschuwde voor Adolf Hilter en onze neiging tot hebzucht en blinde volgzaamheid.

De occupisten leggen uit wat hen bezielt en waarvoor en waartegen zij actie voeren. Voor hen is occupy de plek waar de discussie wordt gevoerd en waar mensen over de hele wereld hun ideeën inbrengen.

Maar toch zal er een soort van organisatie moeten komen. De vragen die via internet worden ingediend voor de algemene kampvergadering worden als redactioneel geselecteerd en in de afzonderlijke werkgroepen worden ook al besluiten genomen waarin niet iedereen gekend kan worden. Maar sommigen geloven in een beweging met een duidelijke visie, doch zonder leiders of vertegenwoordigers.

Steven de Jong eindigt zijn verslag met een citaat uit de toespraak van Charlie Chaplin die naar zijn mening de gedachte van occupy goed samenvat: “I’m sorry, but I don’t want to be an emperor. That’s not my business. I don’t want to rule or conquer anyone.”

Occupisten treiteren — Gevaarlijke Haagse Bluf
De gemeenteraadsfractie van de VVD in Den Haag kwam na langdurig beraad tot een origineel voorstel om de occupisten te treiteren. Zij stelde voor om te onderzoeken of er occupybetogers zijn met een uitkering. Als die er zijn, moeten betalingen per direct worden stopgezet. VVD-fractieleider Boudewijn Revis verklaarde:
    “Mensen die dag en nacht op het veld kamperen, moeten dat vooral zelf weten. Maar dan niet op kosten van de belastingbetaler“ [AD 19.11.11].
Revis wil dat de gemeente sociale rechercheurs naar het Malieveld stuur om uit te zoeken wie van de actievoerders een uitkering ontvangt.
    “Ik ga ervan uit dat veel activisten een uitkering hebben. Wie lang in de kou kan kamperen, kan ook zijn eigen boterham verdienen“ [AD 19.11.11].
Er was eindelijk een stok gevonden om de rebellerende hond te slaan. Met een nauwelijks verhulde boosaardigheid worden de occupisten door de VVD aan de schandpaal van de uitkeringsfraude genageld.

De landelijke VVD-fractie wist niet hoe snel zij dit gemene initiatief moest steunen. Malik Azmani verklaarde:

    “De demonstranten moeten te allen tijde beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt. Als zij met hun laptop voor hun tentje sollicitatiebrieven zitten te tikken, vind ik het prima” [Nu.nl - 19.11.11].

Wanneer mensen gaat zitten blowen of bier willen drinken, dan hoeven ze dat niet ten koste van de hardwerkende Nederlander te doen.” Natuurlijk had Azmani niets tegen de occupisten. Het ging hem immers alleen maar om het principe: uitkeringsgerechtigden moeten beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt.

Wie de hele dag thuis in bed ligt, mag zijn uitkering houden, maar wie op het Malieveld slaapt die raakt hem kwijt. Een uitkeringsgerechtigde die de hele dag voor de VVD op pad gaat, hoeft niets te vrezen. Het zijn juist deze repressies waartegen de occupybeweging in opstand komt. Wie protesteert tegen het graaikapitalisme met zijn gigabonussen, zijn speculanten en zichzelf verrijkende aftrekkers van hypotheekrente over zeer duur onroerende goed, die wordt door de VVD het inkomen afgepakt.

Een occupist reageerde daarop als volgt:

    “Als de VVD maar half zo stoer was geweest ten opzichte van de bankiers en de speculanten, dan was het hier niet zo’n puinhoop geworden. Laten zij eerst maar eens de hand in eigen boezem steken. En dan bedoel ik vooral die enorme boezem van bonussen, hypotheekrente aftrek en wachtgelden voor politici. De VVD stelt zich op als de partij van de 1% vermogenden. Zij voelen zich door de occupybeweging in het kruis getast en reageren daarom zo venijnig. De VVD organiseert een klopjacht op de slachtoffers van de financiële crisis en laat de graaiers ongemoeid.”

Uit een peiling die het AD hield over de stelling: ‘Pak uitkering Occupy-activist af’, bleek dat tweederde van de respondenten dit wel een goed idee vond. De VVD stimuleert dit populistische —en anti-liberale— ressentiment in plaats van dat zij maatregelen bedenkt waardoor uitkeringsgerechtigde werkzoekenden ook echt aan het werk kúnnen gaan.

Index


Haarlem

Vanaf 31 oktober zoemt op Twitter het bericht dat HaarlemOccupy in aantocht is. Op 1 november wordt de Facebook pagina van Occupy Haarlem geopend met de mededeling dat het over een paar minuten gaat beginnen. Precies om 11.11 wordt op de Parklaan ter hoogte van de Kruisstraat het startsein gegeven voor Occupy Haarlem. Het verloop van de eerste dag wordt op video vastgelegd en via YouTube.

De actievoerders in Haarlem pakken het slim aan. Op dinsdagmorgen 1 november bouwen actievoerders in Haarlem een aantal pallets waarop zij hun tenten konden plaatsen[bron]. Met steun van aannemer Goemans —die hen pallets, zeil en karton ter beschikking stelde— bereiden zij zich serieus voor op een koude, maar toch buiten-activistische winter [video]. Kamp Parklaan begint zich te organiseren. De eerste acht occupistische kampeerders bouwen hun tenten op de pallets die op de middenberm van de Parklaan zijn opgesteld.

Ongelijkheid
Op de Facebook pagina van OccupyHaarlem wordt aandacht besteed aan de achtergrond van de protest- beweging. Zo wordt er bijvoorbeeld gewezen op het feit dat in Nederland de rijkste 10% van de huishoudens bijna 60% van het vermogen in handen heeft. Daarbij wordt een artikel aangehaald van Jack Claessen (CBS): Vermogensverdeling en vermogenspositie huishoudens. Hierin is o.a. te lezen: “Begin 2009 was meer dan driekwart van het vermogen in handen van een vijfde van de huishoudens. Viervijfde van de huishoudens verdeelde dus het overige kwart.” Zoals over de hele wereld zijn ook in Haarlem de occupisten verenigd in hun weerzin tegen de gigantische welvaartsverschillen.
De Haarlemse activisten leren van de ervaringen uit Amsterdam, waar men veel last heeft van vervelende agressieve zwervers en toeristen die de sfeer verzieken. In Haarlem wil men dit voorkomen door agressieve types buiten het kamp te houden. Een van de uitkomsten van de vergadering van 5 november is dat er geen drugs worden toegestaan in de grote tent en in de infostand. Men wil afstand houden van het beeld dat de occupykampen alleen maar bevolkt worden door werklozen, zwervers, gelukzoekers, alcoholisten, drugsverslaafden, illegalen en toeristen op zoek naar gratis onderdak en eten.

Om de discussie op gang en op niveau te houden besluit OccupyHaarlem om kritische mensen uit te nodigen voor een gesprek. Ook wordt besloten om op bezoek te gaan bij andere occupy-locaties, zoals het Canadaplein in Alkmaar. Op zondag 6 november wordt een anti-koopdag/ruilmiddag georganiseerd met lezingen en debat.

Ook in Haarlem zijn de beweegredenen en doelen van de actievoerders nogal divers. Men is tegen ‘het verfoeide’ economische systeem dat op alle niveaus van de samenleving leidt tot hebzucht, graaigedrag, zelfverrijking en corruptie. Men keert zich tegen het casino- , graai- of sprinkhaankapitalisme, maar doet dat in de meest uiteenlopende bewoordingen en met zeer diverse alternatieven. In ieder geval lopen de ‘heilstaten’ (de voorstellingen over een rechtvaardige samenleving en over ‘echte’ democratie) nog lang niet parallel. Over een ding lijken zij het wel eens te zijn: het huidige financiële systeem moet fundamenteel veranderd worden [bron].

Index


Tilburg
Op zaterdag 29 oktober ging Occupy Tilburg van start met een manifestatie, creatieve activiteiten en een vergadering om over de verdere gang van zaken te beslissen. Van een actiekamp werd nog even afgezien. De oproep voor de eerste bijeenkomst werd verspreid via de Facebookgroep en Twitter. Op zaterdag 5 november werd de tweede optocht door de stad georganiseerd met spandoeken en borden: “Nee! Wij gaan de crisis niet betalen!”. De optocht was weliswaar kleiner dan de eerste, maar enkele tientallen activisten lieten zich duidelijk in de stad zien. Aan het eind van de middag werd een aantal tenten opgezet op het Stadhuisplein. De toiletten stonden er al, die waren de dag ervoor al geregeld [bron].

Iedere avond om 19:30 wordt een vergadering gehouden waaraan iedereen mee kan doen. Ook in Tilburg wordt aandacht besteed aan het parttime occupisme: “Omdat sommige niet anders kunnen…” — “Ik studeer, en jij?”

Index


Olievlek
Vanuit Occupy The Netherlands werd op 12 november het idee gelanceerd om iedere maand een andere stad of ander dorp te ondersteunen door er massaal heen te gaan. Het doel van deze beweging was om elkaar te steunen, van elkaar te leren en informatie uit te wisselen. Maar de occupybeweging verloor haar momentum en slaagde er niet in om zichzelf intern te stabiliseren en extern uit te breiden. Zij slaagde er nog niet in om antwoorden te vinden op de eerder genoemde uitdagingen.

Index


Academici, politici en journalisten in verwarring
Onderzoekers van sociale bewegingen hadden grote moeite om grip te krijgen op de eigenaardigheden van deze mondiale wolkbeweging. Hetzelfde geldt voor journalisten die de beweging ‘een gezicht’ willen geven en steevast op zoek gaan naar woordvoerders: Bring me to your leader.
Iets te gespierd
Volgens historicus Rutger van der Hoeven heeft de demonstratie van de occupisten de opiniemakers in ons land collectief te kijk gezet als “een oubollige kaste die zich enkel tenen-krommend blasé, pruilerig en hautain weet op te stellen tegenover de eerste publieke roerselen in verband met de wereldwijde economische crisis” [De Groene Amsterdammer]. Hij raakt een gevoelige snaar. Het is en blijft gênant dat de journalisten die jarenlang schande riepen over het uit de hand gelopen graaikapitalisme nu opnieuw schande roepen als mensen met diezelfde onvrede ook daadwerkelijk de straat op gaan. Gelukkig geldt dit niet voor alle journalisten.
Bagatelliseren, dat is wat Bas Heijne in de NRC deed: Men kan veel zwaktes van de occupybeweging opnoemen, maar niet dat de activisten een gebrek aan praktisch engagement vertonen.

Ridiculiseren, dat is wat veel politici en journalisten doen die telkens maar beweren dat de occupisten geen boodschap hebben terwijl zij kijken naar een massa mensen die zeer duidelijke protestborden ophoog steken.

De bestaande theorieën van collectief handelen en sociale bewegingen ondergaan een nieuwe vuurproef. Zij zullen steeds meer beoordeeld worden op hun vermogen om de eigenaardigheden en kenmerkende processen van virtuele protesten en verzetsbewegingen tot begrip te brengen. De wolkbewegingen zijn daarvoor een cruciale toetssteen.

De occupybeweging is een relatief nieuw fenomeen dat nog niet erg goed wordt begrepen. De meeste beroepspolitici weten niet wat ze met deze wolkbeweging aan moeten. Ook al riepen zij jarenlang schande over ontspoord casino- en graaikapitalisme, zij lijken met stomheid geslagen als mensen met diezelfde kritiek en onvrede over gaan tot collectieve actie.

Een goede uitzondering op deze distantiëring van de occupybeweging was FNV Bondgenoten. Bij monde van haar voorzitter, Henk van der Kolk werden de leden van de vakbond opgeroepen om de #occupy te steunen. Volgens Van der Kolk biedt de occupybeweging vooral hoop: “hoop op een wereld waarin paal en perk gesteld wordt aan de gekte van de financiële wereld en de menselijke maat weer de norm wordt” [idem]. De occupybeweging stelt voor een belangrijk deel dezelfde thema’s aan de orde als de FNV. “Wij stellen al een decennium lang de uitwassen van de topbeloningen en het casinokapitalisme aan de kaak.” En daarom verdient deze beweging volgens Van der Kolk steun en riep hij zijn leden op om zich op 15 oktober te laten zien en horen bij de eerste demonstraties van de occupisten in Nederland.

Index


Kinderschoenen
“De nieuwe beweging van de Occupiers staat nog in de kinderschoenen” [H.J.A. Hofland, Occupy straks, in De Groene, 20.10.2011]. Zij steunt in belangrijke mate op een nieuwe generatie die nog op zoek is naar een gemeenschappelijke politieke taal om haar onvrede en klachten te articuleren, en naar de organisatie- en actievormen om haar politieke inzichten en aspiraties tot uitdrukking te brengen.

De beweging ontstond als reactie op de wereldwijde financiële crisis en de onrechtvaardigheden van het economisch systeem. Wat begon als een oerschreeuw tegen onrechtvaardigheid begint zich nu te evolueren in een beweging die de problemen begint te analyseren, die nadenkt over oplossingen, die steun probeert te verwerven voor meer specifieke eisen, en die politieke acties initieert om haar eisen te realiseren. Langzamerhand beginnen de occupy locaties zich te ontwikkelen van protest kampementen tot platforms voor politieke organisatie en tot centra van mobilisatie voor collectieve acties.

De occupy beweging heeft ondanks haar prille bestaan al belangrijke resultaten behaald. Michael Moore (‘world famous trouble maker’) formuleerde dit als volgt:

In de occupybeweging ontmoeten mensen andere mensen met wie zij gelijksoortige klachten delen en het gevoel dat het nu de tijd is om de koers van de samenleving te veranderen. Bij velen ontstaat het gevoel dat zij niet meer willen berusten. Hun existentiële fatalisme —het gevoel dat je er zelf toch niets aan kunt doen om je lot te veranderen— wordt doorbroken. Occupy moedigt mensen aan om hun lot in eigen hand te nemen. Én zij heeft er voor gezorgd dat er een andere agenda wordt opgesteld voor het bestrijden van de crisis. Dat is een agenda waarin de werkelijke problemen waarmee mensen te maken hebben het uitgangspunt vormen voor het bestrijden van de schrijnende onrechtvaardigheden van het sociaal-economische systeem en van het corrigeren van het eclatante disfunctioneren van het politieke systeem.

Breuk met gangbaar pragmatisme: eis het onmogelijke
Met hun ‘politieke ongehoorzaamheid’ (Bernard Harcourt) tarten de occupisten de gangbare politieke logica om ruimte te creëren voor een nieuw idealisme. Pieter Hilhorst schrijft hierover:
    “De activisten zijn niet te vangen in een ideologie. Ze hebben geen blauwdruk voor de toekomst. Ze zijn wars van de gevestigde partijen en organisaties. Ze hebben geen leiders en formuleren geen eisen. Dat maakt hen ongrijpbaar. Ze delen het idee dat het anders moet, maar hebben geen overeenstemming over hoe het anders moet.

    De winst van deze ongrijpbaarheid is een breuk met het gangbare pragmatisme. Veel discussies worden nu afgekapt met het argument dat het nu eenmaal zo is. Als we bankiers niet genoeg betalen dan kunnen we geen goede mensen krijgen. De hypotheekrenteaftrek kan niet ter discussie worden gesteld als de huizenprijzen onder druk staan. Als we bedrijven dwingen meer belasting te betalen verdwijnen ze naar het buitenland. Lage lonen van thuiszorgmedewerkers zijn een gevolg van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Zo zijn we veel dingen normaal gaan vinden die onacceptabel zijn. De occupy-betogers zijn als het kind uit het sprookje van de kleren van de keizer. Ze stellen onschuldige vragen waarop geen goede antwoorden bestaan” [Pieter Hilhorst - Joop.nl - De ongerichte opstand].

Om te voorkomen dat de occupybeweging gekaapt wordt, moet zij volgens Pieter Hilhorst meer zijn dan een noodkreet.

    “Er moet een programma komen hoe we kunnen afrekenen met de zwartrijderseconomie waarin banken en bedrijven winsten voor zichzelf houden en verliezen afwentelen op de samenleving.”
Maar vervolgens probeert Hilhorst de occupybeweging in te spannen voor een programmatisch karretje dat hij kennelijk zelf wil berijden.
    “Een programma dat de uitwassen van het kapitalisme temt, zonder de creatieve kracht van het kapitalisme om zeep te helpen. Alleen dan kan de Occupy-beweging de volgende verkiezingen winnen.”
Bart Griffioen heeft er terecht op gewezen dat Hilhorst op die manier de angel uit zijn eigen betoog trekt. Want de kracht van de pleinprotesten is nu precies “dat ze niet vertrekken vanuit de smalle kaders van eens in de vier jaar stemmen, ze brengen democratie letterlijk terug naar de straat. Evenmin mikken ze op de ‘uitwassen’ van het kapitalisme. Ze ontlenen hun kracht juist eraan dat ze het systeem zelf als probleem aanwijzen.” [Een ‘realistische’ #Occupy eist het onmogelijke]

“Wees realistisch: eis het onmogelijke” was een stimulerende leuze uit de jaren zestig. Als voorstellen te ver van de directe maatschappelijke werkelijkheid afwijken dan worden ze al snel als utopisch van de hand gewezen. Als de voorstellen dichter in de buurt komen van wat bestaat, of als er verschillende etappes van verbetering worden voorgesteld, dan worden zij afgedaan als oninspirerend of apologetisch.

Het is niet te verwachten dat de huidige politieke en economische elites vrijwillig tegemoet zullen komen aan de verlangens van de occupisten. Ook de bewegingen voor vrij en gelijk stem- en kiesrecht, voor vrouwenkiesrecht en voor gelijke burgerrechten werden aanvankelijk met openlijke of verborgen vijandschap tegemoet getreden — zij werden niet begrepen, geridiculiseerd, gedemoniseerd en in de regel met grof fysiek geweld bestreden.

Het is niet eenvoudig om een nieuwe sociale beweging van de grond af op te bouwen. In een discussie over de nieuwe politiek en mogelijkheden van de beweging tegen ondernemersmacht typeerde William Greiner (correspondent van The Nation) dit als volgt:

Sociale bewegingen lijken op onderaardse stromingen, die men soms lange tijd niet ziet of wil zien, en die dan plotseling met grote kracht weer aan de oppervlakte komen. De occupybeweging is het resultaat van zo’n nieuwe eruptie van grondige ontevredenheid, van geschonden belangen, van gekwetst vertrouwen en van opgekropte verlangens.

Index Dromen in een wolkbeweging

De occupybeweging bevrijdt zich van
exploitatieve en repressieve systemen.
Zij laat overal rozen groeien uit asfalt.
De occupisten werden al snel met een hele berg verwijten geconfronteerd. Als zij al niet gewelddadig waren, dan zouden het minstens losers en dromers zijn.

Het enige dat gewelddadig klinkt zijn termen als occupation. Voor de rest zijn zij zo gewelddadig als Mahatma Gandhi. Zij willen een einde maken aan dat iets dat niet meer te rechtvaardigen valt en door zeer veel mensen niet meer wordt geaccepteerd.

De losers die in diverse steden hun protestkampementen bevolken zijn vaak goed gekwalificeerde, soms hoog opgeleide mensen uit diverse bevolkingslagen en leeftijdsgroepen.

De occupisten worden socialisten of communisten genoemd omdat zij geen respect zouden hebben voor privé-eigendom. Maar het waren juist de Wall Street speculaties die geleid hebben tot de crisis van 2008 waardoor op grote schaal privé-eigendom dat met hard werken werd vergaard werd vernietigd. De occupisten zijn geen communisten in de zin van het voormalige Chinese of Sovjet systeem.

De occupisten worden in de hoek gezet als romantische dromers. Maar de echte dromers zijn mensen die denken dat alles wel weer op z’n oude plaats zal vallen als er een paar cosmetische veranderingen worden doorgevoerd.

De occupisten hebben niet alleen vijanden, maar moeten zich ook hoeden voor valse vrienden. Dat zijn vooral de politici die de occupisten willen doodknuffelen. Een voorbeeld daarvan is Bill Clinton. Hij adviseerde Occupy om zich achter Obama’s banenplan te scharen. Clinton vindt de protesten “on balance [...] a positive thing”, maar hij maakt zich zorgen over de vaagheid van het doel.

Het gat dat de occupisten in de hegemoniale kapitalistische ideologie hebben geslagen, kan door henzelf op korte termijn niet inhoudelijk of praktisch politiek worden opgevuld. Zij hebben geen kant-en-klaar alternatief — geen programma voor een andere, niet-exploitatieve (solidaire) en niet-onderdrukkende (basisdemocratische) samenleving. Voor occupisten biedt dit vacuüm bij uitstek de gelegenheid om een nieuwe vorm en inhoud van politiek te ontdekken.

Het is en blijft moeilijk om een authentieke en vitale sociale beweging op te bouwen. Er ontstaan veel van die bewegingen die mislukken of vermorzeld worden. Hun ideeën worden vaak letterlijk uit de politieke arena verdrongen. Maar op de een of andere manier gaan zij door. En zij kunnen een of twee generaties later weer hun kop opsteken.

In een van de meest belangrijke toespraken die ooit zijn opgenomen, waarschuwt Charlie Chaplin de wereld in 1940 voor Adolf Hitler en onze neiging tot hebzucht en blinde volgzaamheid.
    “Jullie, de mensen, hebben de macht om dit leven vrij en mooi te maken. Om van dit leven een prachtig avontuur te maken. Dan nu, in de naam van democratie, laten we deze macht gebruiken, laten we ons verenigen. Laten we vechten voor een nieuwe wereld. Een fatsoenlijke wereld waarin mensen een kans hebben om te werken. Waar jeugd een toekomst heeft, en ouderen zekerheid hebben.”
    [The Greatest Speech Ever Made. Uit The Great Dictator, Charlie Chaplin, 1940]
Deze toespraak is tijdens veel occupybijeenkomsten gedraaid om de deelnemers te inspireren.

Index Bronnen over Occupy-beweging
 

  1. CyberActivism - Online Resources

  2. Activism.net

  3. The 50 best sign form Occupy Wall Street

  4. AD

  5. Adbusters #occupywallstreet

  6. Aelast, Peter van / Walgrave, Stefaan [2002]
    Mew Media, New Movements? The Role of the Internet in Shaping the ‘Anti-Globalization ’ Movement.
    In: Information, Communication and Society 5:465-493.

  7. Albert, Michael [2011]
    Occupy to Self Manage.
    In: Znet, 25.10.2011.

  8. Anderson, B. [1983]
    Imagined Communities. New York: Verso

  9. Avaaz
    De campagnevoerende beweging die de menselijke stem aan wereldwijde besluitvorming toevoegt. Met meer dan 7 miljoen leden in 2011.

  10. Arquilla, John J. / Ronfeldt, David F.

  11. Arquilla, John J. / Ronfeldt, David F. (eds.) [2001]
    Networks and Netwars: The Future of Terror, Crime, and Militancy
    Santa Monica: RAND.

  12. Arrian [1971]
    The Campaigns of Alexander, New York, NY: Penguin. Oorspronkelijk geschreven in het midden van de 2e eeuw.

  13. Attrition.org
    Een groep die web-onthoofdingen en andere typen cybercriminaliteit in de gaten houdt.

  14. Ayers, Michael [2003]
    Comparing Collective Identity in Online en Offline Feminist Activists.
    In: McCaughey/Ayers 2003: 145-164.

  15. Bimber, Bruce / Flanagin, Andrew J. / Stohl, Cynthia [2005]
    Reconceptualizing Collective Action in the Contempary Media Environment.
    In: Communication Theory 15:365-88.

  16. Brendel, Carel [2011]
    Occupy-beweging oefent aantrekkingskracht uit op complotdenkers
    In: CarelBrendel.nl 15.10.11

  17. Brunsting, Suzanne / Postmes, Tom [2002]
    Social Movement Participatio in the Digital Age: Predicting Offline and Online Collective Action.
    In: Small Group Research 33:525-40.

  18. Claessen, Jack [2010]
    Vermogensverdeling en vermogenspositie huishoudens - CBS

  19. Cloward, Richard A. / Piven, Frances Fox [2001]
    Disrupting Cyberspace: A new Frontier for Labor Activism?
    In: New Labor Forum (Spring-Summer): 91-94.

  20. CNN

  21. Co-Intelligence Institutie, The

  22. Communications Review [2011]
    Twitter Revolutions? Addressing Social Media and Dissent

  23. Dahlberg, Lincoln / Siapera, Eugenia (eds.) [2007]
    Radical Democracy and the Internet. Interrogating Theory and Practice

  24. Dahlgren, Peter [2004]
    Civic Cultures and Net Activism

  25. DePers

  26. Diani, Mario [2000]
    Social Movement Networks Virtual and Real.
    In: Information, Communication and Society 3:386-401.

  27. Eagleton-Pierce, Mathew [2001]
    The Internet and the Seattle WTO Protests.
    In: Peace Review 13:331-337.

  28. Earl, Jennifer / Kimport, Katrina [2011]
    Digitally Enabled Social Change. Activism in the Internet Age.
    Massachusetts: MIT Press

  29. Edwards, Sean J.A. [2005]
    Swarming on the Battlefield: Past, Present, and Future.

  30. endandit

  31. Erbschloe, Michael [2001]
    Information Warfare: How to Survice Cyber Attacks.
    McGraw-Hill.
    Een verklaring van de methodologieën achter hacks en cyberaanvallen, inclusief de defensieve strategieën en tegenmaatregelen waarmee bedrijven infrastructurele aanvallen, militaire conflicten, informatieverzameling door concurrenten, economische oorlogsvoering en bedrijfsspionage kunnen overleven.

  32. Ernst, Robert (Facebook)

  33. Garrett, R. Kelly [2006]
    Protest in an Information Society: A Review of the Literature on Social Movement and New ICTs.
    In: Information, Communication and Society 9:202-224.

  34. GeenStijl

  35. Gladwell, Malcolm [2010]
    Small Change: Why the revolution will not be tweeted
    In: The New Yorker, 04.10.2010

  36. Graeber, David [2011]
    What did we actually do right? Unexpected success and spread of Occupy Wall Street.
    In: Alternet, 19.10.11

  37. Guardian, The

  38. Hill, Kevin, A. / Hughes, John E. [1999]
    Cyberpolitics: Citizen Activism in the Age of the Internet.
    Lanham: Rowman & Littlefield.

  39. HP De tijd

  40. Huffington Post, The

  41. Joop.nl

  42. Katzenbeisser, Stefan / Petitcolas, Fabien A.P. [1999]
    Information hiding techniques for steganography and digital watermarking. [extract]
    Artech House Books.

  43. Klein, Ezra [2011] Occupy Wall Street, a primer.
    In: The Washington Post 03.10.11.

  44. Klein, Naomi

  45. Kolk, Henk van der [2011]
    Occupy Wallstreet, Amsterdam en Den Haag. In: Henks Blog - 12.10.11

  46. Konczal, Mike

  47. Larsen, Jonathan / Olshansky, Ken [2011]
    Lobbying firm’s memo spells out plan to undermine Occupy Wall Street - In: Open Channel on MSNBC.com

  48. Leary, Timothy [2011]
    Timothy Leary on the Wall Street Occupy Movement In: Truth-out, 26.10.11

  49. Lithwick, Dahlia [2011]
    Occupy the No-Spin Zone. In: Slate 26.10.11.

  50. Martinez-Torres, Maria Elena [2001]
    Civil Society, the Internet, and the Zapatistas.
    In: Peace Review 13:347-355.

  51. McCaughey, Martha / Ayers, Michael D. / Silver, David (eds.) [2003]
    Cyberactivism: Online activism in theory and practice
    New York: Routledge.

  52. Maio, Paola di [March 2001]
    Internet Europe: Hacktivism, Cyberterrorism Or Online Democracy?

  53. Munsterman, Rubin [2011]
    Zeitgeist verspreidt zich naar Nederland.
    In: Ftm.nl 11.10.11

  54. Nation, The [2011]
    Occupy Everywhere: On the New Politics and Possibilities of the Movement Against Corporate Power - 6.11.11
    Een paneldiscussie met Michael Moore (‘world famous trouble maker’), Naomi Klein, William Greider, Rinku Sen, Patrick Bruner (OSW).
    Moore: “It already has some important victories, it has alleviated despair, it has killed apathy, it has changed the conversation in a profound way. … We are talking about the real issues now that are facing millions of Americans.”
    William Greiner: “We know it’s a high risk enterprise to try to build an authentic social movement. Many arise and fail, or get crushed. And the ideas are literally pushed back out of the public square. But they continue somehow. And may come back one generation or two generations later.”

  55. National Coalition for Dialogue and Deliberation (NCDD)

  56. NRC

  57. Rhee, Henk van [2011]
    ‘Occupy’, echt iets voor christenen
    In: Habakuk, 17.10.11

  58. RoarMag.org

  59. Robin Hood Tax

  60. Ronfeldt, David / Arguilla, John / Fuller, Graham E. / Fuller, Melissa [1999]
    The Zapatista “Social Netwar” in Mexico

  61. Scheferman, Scott [Maart 2001]
    Trojan Warfare Exposed
    Gepubliceerd door SANS [System Administration, Networking, and Security].

  62. Schneider, Nathan [2011]
    Occupy Wall Street: FAQ.
    In: The Nation, 29.9.11.

  63. Spitzer, Eliot [2011]
    What Should Occupy Wall Street Do Now?
    In: Slate, 04.11.11

  64. Stein, George J. [1995]
    Information War - CyberWar - NetWar

  65. Stoller, Matt [2011]
    #OccupyWallStreet is a church of dissent, not a protest - 29.09.11

  66. Trouw

  67. Vail, Jeff

  68. Volkskrant

  69. Wolf, Naomi

  70. YouTube

Index


Home Onderwerpen Zoek Over ons Doneer Contact

12 July, 2017
Eerst gepubliceerd: November, 2011