Home Onderwerpen Zoek Over ons Doneer Contact

ZinZoekers doen het (steeds meer) virtueel

Onderzoek naar verandering van geloofsbeleving door internet

dr.Albert Benschop
Universiteit van Amsterdam


De Stichting ZinZoekers op het Web brengt de ervaringen van de meest uiteenlopende typen zinzoekers bijeen en maakt die bespreekbaar. Om te achterhalen wat al deze zinzoekers doen op het internet, hoe zij opereren, hoe zij communiceren en met wie zij contacten leggen, is een online enquête opgesteld en via deze site toegankelijk gemaakt.

In de enquête stonden twee vragen centraal. De eerste: wat doen zinzoekers precies op het web en welke activiteiten hebben hun voorkeur? De tweede: hoe is door hun ervaringen in de virtuele ruimte van het hiernaastmaals hun geloofsbeleving veranderd?


De Stichting ZinZoekers op het Web brengt de ervaringen van de meest uiteenlopende typen zinzoekers bijeen en maakt die bespreekbaar. ZinZoekers zijn mensen die op het internet op zoek zijn naar de ‘zin’ of betekenis van hun bestaan. Het zijn mensen die proberen om via het internet hun levensbeschouwing, spiritualiteit of geloof te ontdekken, te ontwikkelen en met anderen te delen. Om te achterhalen wat al deze zinzoekers doen op het internet, hoe zij opereren, hoe zij communiceren en met wie zij contacten leggen, heeft de Stichting een online enquête opgesteld en via www.zinzoekers.nl toegankelijk gemaakt.

We hebben een heel korte, maar doelgerichte enquête ontworpen. Daarin stonden twee vragen centraal. De eerste: wat doen zinzoekers precies op het web en welke activiteiten hebben hun voorkeur? De tweede: hoe is door hun ervaringen in de virtuele ruimte van het hiernaastmaals hun geloofsbeleving veranderd?

Zoals gezegd is het een korte enquête met slechts tien vragen. In onze introductie vermeldden we dat het invullen van de vragen slechts 5 minuten zou duren. Dat hebben we onderschat. Gemiddeld besteedden onze respondenten 8,35 minuten aan het invullen van de enquête.

Dit verslag is gebaseerd op de verwerking van de resultaten van 248 volledig ingevulde vragenlijsten. In totaal hebben meer dan 570 mensen de vragenlijst benaderd. Daarvan is 59% begonnen met het invullen en daarvan voltooide 74% de enquête.

Index


1: Kenmerken van respondenten
Om enig beeld te krijgen van de persoonlijke eigenschappen van onze zinzoekers hebben we aan het eind van de enquête gevraagd naar hun geslacht, leeftijd en opleidingsniveau. Dit zijn de resultaten in cijfers:

  1. Geslacht
    36% vrouw en 64 % man.
  2. Leeftijd
    De meerderheid van respondenten (55%) is ouder dan 46 jaar. Ruim een vijfde van de respondenten (21%) is zelfs ouder dan 60 jaar. Maar ruim een kwart (26%) is jonger dan 35 jaar.
  3. Opleidingsniveau
    De meerderheid van de respondenten is hoog tot zeer hoog gekwalificeerd. 80% van de respondenten is universitair of op hbo-niveau geschoold. Bijna een vijfde van de respondenten (16%) zit op MBO-niveau, en slechts 2 % is lager geschoold.

Bij onze respondenten zijn de mannen iets oververtegenwoordigd. Opvallender is echter dat de ouderen en hoger opgeleiden zeer sterk oververtegenwoordigd zijn. Dat online zinzoekers relatief hooggeschoold zijn, is op zichzelf niet zo vreemd. Zeker als we bedenken dat onze vragenlijst vooral is ingevuld door zinzoekers die zowel lokaal als online zeer actief zijn. ‘Activistische’ zinzoekers zijn in de regel hoger geschoold dan minder actieve zinzoekers [zie vraag 4].

Index


2: Aansluiting bij kerkgenootschap of religieuze organisatie
Om te achterhalen wat de ‘denominaties’ zijn van onze respondenten hebben we hen gevraagd of en zo ja zij bij welke religieuze beweging, organisatie, netwerk of kerk zijn aangesloten.

De overgrote meerderheid van onze respondenten (81%) is aangesloten bij een kerkgenootschap of religieuze organisatie. De spreiding over religieuze, spirituele en levensbeschouwelijke stromingen is zeer groot. De deelnemers aan de enquête behoren tot meer dan 40 verschillende kerkgenootschappen, religieuze organisaties of spirituele gemeenschappen.

De statistische verdeling ziet er als volgt uit. Meer dan een derde (38%) van de respondenten is aangesloten bij de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) en bijna een vijfde (17%) bij de Rooms-Katholieke Kerk (RKK).

De kleinere affiliaties zijn:

De in onze populatie kleinste denominaties, zoals de joodse, islamitische, boeddhistische gemeenschap, schommelen rond de 1 procent.

Van de respondenten is 19% niet aangesloten bij een officieel kerkgenootschap of religieuze organisatie. Het zijn ‘vrij zwevende zinzoekers’ die zich (nog) niet of nooit kunnen identificeren met ‘geïnstitutionaliseerde zin’ en zich (nog) niet of nooit willen aansluiten bij een geloofsorganisatie of – gemeenschap.

Index


3: Omgang met internetlocaties van eigen kerkgenootschap of religieuze organisatie
Veel kerkgenootschappen en religieuze organisatie of bewegingen zijn op het internet gerepresenteerd. Zij hebben een eigen website, webforum en opereren via blogs, RSS, sociale netwerken (‘vrienden-van-vrienden-sites’ zoals Hyves and Facebook) en Twitter.

Wij vroegen onze zinzoeker hoe regelmatig zij deze sites van de eigen geloofsgemeenschap bezochten en of zij een actieve bijdrage leverden aan deze internetsites.

De overgrote meerderheid van de respondenten (94%) is aangesloten bij een kerkgenootschap of religieuze organisatie met een eigen website. Bijna driekwart van de respondenten (74%) bezoekt deze sites regelmatig, terwijl iets meer dan een derde (31%) daaraan zelf ook een actieve bijdrage levert.

Zoals te verwachten heeft een tamelijk actieve groep van zinzoekers de vragenlijst ingevuld. Zij zijn in overweldigende mate aangesloten bij een kerk of religieuze organisatie, behoren tot de meest actieve bezoekers van de sites van deze organisaties en leveren daaraan ook zelf vaak een eigen bijdrage.

Index


4: Welke sites bezoeken de ZinZoekers?
We hebben gevraagd welke religieuze of levensbeschouwelijke sites onze zinzoekers regelmatig bezoeken. Uit de antwoorden van onze respondentenblijkt dat zij de meest uiteenlopende levensbeschouwelijke, spirituele en religieuze sites bezoeken. Met elkaar noemen zij zo’n 235 unieke sites. Zij dekken daarmee (bijna) de hele flora en fauna van zinzoekers die in Nederland actief zijn.

Virtuele plaatsen die het meest frequent door onze respondenten worden bezocht zijn: Kerknieuws.nl [30], IKON.nl [26], PKN.nl [24], Goedgelovig.nl [21], Biblija.net [13], Katholieknederland.nl [12], Zinweb.nl [12], EO.nl [10], Isodorusweb.nl [10], RKK.nl [9], CIP.nl [9], Rorate.com [9], Protestant.nl [7]. Sirit24 [6], Oneway.nl [5], Nieuwwij.nl [4]. Trouw.nl [4], Refdag.nl [4], Zoeklicht.nl [4], Lux-mundi.nl [3]. Alle andere sites kregen van 1 of 2 zinzoekers de voorkeur.

De schijnbaar tegenstrijdige conclusie lijkt gerechtvaardigd dat onze zinzoekers zich op het internet enerzijds zeer breed (nieuwsgierig) oriënteren, terwijl zij tegelijkertijd tamelijk sterk verbonden voelen met de dominante sites van de eigen geloofsrichting.

Index


5: Lid van religieus of spiritueel sociaal netwerk?
In welke religieus of spiritueel geïnspireerde virtuele netwerken participeren onze zinzoekers? Wij vroegen onze respondenten van welk religieus of spiritueel sociaal netwerk zij ‘lid’ waren. Een van onze respondenten merkt terecht op dat er gevraagd had moeten worden naar de ‘participatie’ in online netwerken in plaats van naar het ‘lid’ zijn. Vooral online zijn er zijn immers vele informele contacten mogelijk zonder lidmaatschap. “Ongebonden spiritualiteit werkt niet met lidmaatschap”.

Gelukkig hebben bijna alle respondenten de vraag goed opgevat en hebben zij aangegeven in welke online netwerken zij participeren. Meer dan een derde van de respondenten (34%) participeert in een religieus of spiritueel sociaal netwerk.

In totaal maken onze respondenten gebruik van meer dan 65 sociale netwerksites en discussiefora. De meesten doen dat via LinkedIn [23], Facebook [7], Hyves [5], YahooGroups [5], Twitter [5] en Rorate.com [5]. Zelfs het onlangs opgerichte Zinzoekers.nl [4] mag zich al –hoe vriendelijk– op enige belangstelling verheugen.

De aantallen zijn te klein om hieraan harde conclusies te verbinden. Maar er mag wel voorzichtig worden geconcludeerd dat onze zinzoeker participeren in een relatief grote diversiteit van sociale netwerksites. Maar tegelijkertijd zien we ook dat ‘balkanisering van de sociale netwerksites’ ook voor onze zinzoeker geldt.

Index


6: Intensiteit van internetgebruik voor religieuze en spirituele interesses
Om een indruk te krijgen van de intensiteit waarmee zinzoekers het internet gebruiken om zich te informeren of te communiceren over hun levensbeschouwelijke, spirituele of religieuze belangstelling, hebben wij gevraagd naar het aantal uren dat zij daaraan per week besteden.

Gemiddeld besteden de zinzoekende respondenten 7,5 uur per week (6,9 ± 8,1) aan het online communiceren over hun religieuze en spirituele interesses. Eén van de respondenten maakt daarvan zelfs meer dan een volledige werkweek: 48 uur. Maar het gemiddelde aantal uren dat onze respondenten bezig zijn met zinzoekende/ gevende online activiteiten ligt toch bijzonder hoog. Zeker als men bedenkt dat een gemiddelde
Nederlander in totaal 8,3 uur per week gebruik maakt van het internet [Infomarkt Gfk].

Toch is de tijd die onze respondenten aan zinzoekende activiteiten besteden niet geheel onverwacht als men rekening houdt met het ‘activistische’ karakter van onze respondenten [zie 4]. De conclusie is echter duidelijk: onze respondenten zijn gemiddeld zeer intensief bezig met zinzoekend internetten.

Index


7: Communicatie met gelijk- en andersgelovigen
ZinZoekers gebruiken het internet primair om in contact te komen met andere ZinZoekers. De vraag is daarbij of zij hierdoor alleen in contact komen met mensen die ongeveer dezelfde geloofsovertuiging of spirituele houding hebben. Geldt ook in dit geval ‘soort zoekt soort’? Communiceert men alleen maar binnen de eigen geloofsgroep? Of wordt er ook contact gezocht met zinzoekers die er heel andere levenbeschouwelijke, spirituele of religieuze opvattingen op nahouden?

Om op deze vragen een antwoord te krijgen, hebben we onze respondenten gevraagd met hoeveel gelijkgelovigen en andersgelovigen zij online contact hebben.

  1. Contacten met gelijkgelovigen
    De helft van de respondenten (51%) communiceert online met 1 tot 10 mensen met een gelijksoortige geloofsovertuiging. Een derde met tussen de 10 en 50. Een tiende met tussen 50 en 100 geloofsgenoten, en bijna een tiende (9%) zelfs met meer dan 100 mensen.
  2. Contacten met andersgelovigen
    Meer dan de helft van de respondenten (58%) heeft online contacten met 1 tot 10 andersgelovigen. Bijna een derde communiceert met 10 tot 50 personen. En 14 procent met meer dan 50 personen. Respondenten die met meer dan 100 andere mensen online contact heeft is relatief laag, maar toch altijd nog 7%.

Hieruit blijkt dat onze zinzoekers op internet gemiddeld even veel contacten onderhouden met geloofsgenoten dan met andersgelovigen. Het is dus niet zo dat zinzoekers zich op het web opsluiten in de eigen geloofsgemeenschap of binnen de perken van hun religieus netwerk blijven cirkelen. Onze responderende zinzoekers onderhouden zelfs iets meer online contacten met andersgelovigen dan met de eigen geloofsgenoten.

De algemene conclusie is dat onze respondenten praktisch evenveel aandacht besteden aan het onderhouden van contacten met geloofsgenoten als met andersgelovigen. Het deelnemen aan de virtuele activiteiten van de eigen geloofsgroep valt voor onze respondenten kennelijk heel goed te combineren met een oecumenische opstelling.

Deze laatste conclusie wordt ondersteund door de antwoorden die respondenten geven op de vraag hoe het internet hun geloofsbeleving heeft veranderd. We zullen in paragraaf 10 zien dat veel respondenten aangeven dat hun geloofsbeleving is verbreed door de online informatie over andere religies en levensbeschouwingen en discussies en contacten met on- en andersgelovigen.

Index


8: Participatie in virtuele religieuze praktijken
Wat doen onze zinzoekers precies als zij in het virtuele hiernaastmaals bezig zijn met hun levensbeschouwing, inspiratie en geloof? Nemen zij deel aan online religieuze, spirituele of levensbeschouwelijke praktijken? En zo ja, welke zijn dat?

Uit onze enquête blijkt dat meer dan 60% van onze respondenten deelneemt aan online religieuze, spirituele of levensbeschouwelijke praktijken. De online activiteiten van de zinzoekers betreffen vooral pastorale zorg (21%), getuigen (18%), eredienst (17%), bidden (16%) en herdenken (11%). Daarnaast is er vooral belangstelling voor discussie/dialoog op webfora en de studie van heilige teksten. Deze twee activiteiten worden als belangrijk gezien voor de eigen geloofsontwikkeling. Veel minder populair is online biechten (1%).

Opvallend is dat de pastorale zorg op de eerste plaats staat en niet het getuigen of evangeliseren. Het online biechten is bijzonder onpopulair. Niet omdat er zo weinig rooms-katholieken in onze populatie huizen, maar omdat het Vaticaan de biecht beschouwt als een persoonlijk gesprek tussen de gelovige en God, via tussenkomst van een gewijde priester.

De officieel erkende e-biechtstoel laat dus nog even op zich wachten. De biecht moet – volgens aartsbisschop John Foley, voorzitter van de Pauselijke Raad voor sociale communicatie – altijd plaatsvinden binnen “de sacramentele context van een persoonlijke ontmoeting.” (De bisschop denkt dat virtuele ontmoetingen per definitie geen persoonlijke ontmoetingen kunnen zijn). Maar er zijn natuurlijk inmiddels wel diverse niet-erkende manieren om online je zonden op te biechten en berouw te tonen.

Hoewel statistisch gezien niet erg interessant, is het toch opvallend dat enkele respondenten aangeven dat zij vooral genieten van het bekijken of maken van inspirerende filmpjes voor YouTube, en van het luisteren naar bemoedigende muziek.

Uit het onderzoek blijkt ook dat bijna 40% van de respondenten helemaal niet deelneemt aan online religieuze, spirituele of levensbeschouwelijke praktijken. We hebben niet gevraagd waarom zij dat niet doen, en kunnen over hun redenen of motieven dus alleen maar speculeren.

Index


9: Eens of oneens: instemming of afwijzing van stellingen
We hebben onze respondenten een aantal stellingen voorgelegd en hen gevraagd of zij daarmee instemmen of niet.

  1. Internet als primaire informatiebron
    De overgrote meerderheid van de respondenten (63%) stemt in met de stelling dat internet voor hen een primaire informatiebron is voor religieuze en spirituele aangelegenheden. Maar toch is een vijfde van hen het daarmee niet of helemaal niet eens. Zij putten hun informatie ook of hoofdzakelijk uit traditionele bronnen. Waarom zij dat doen hebben wij niet gevraagd.
  2. Lezen en praten over geloof en zingeving
    Het praten en lezen over geloof op internet is voor 62% van de zinzoekers een erg belangrijke activiteit. Slechts 19% van hen is het daar niet of helemaal niet mee eens. Zij doen dat kennelijk bij voorkeur op andere wijze, of misschien ook wel helemaal niet. Waarom zij dit niet doen is niet gevraagd.
  3. Internet als inspirerend medium
    Is internet voor onze zinzoekers een inspirerend medium? Ontlenen zij daaraan positieve impulsen voor de ontwikkeling van hun eigen geloof of levensbeschouwing?
    Voor de grote meerderheid van de respondenten (81%) is internet een medium waarin zij nieuwe inspiratie opdoen. Voor een kleine minderheid van 5% is internet niet of in veel mindere mate een inspirerend medium. Uit de commentaren blijkt dat zij internet primair gebruiken als informatiebron.
  4. Internet als medium van nabijheid
    In meerderheid (59%) beschouwen de respondenten het internet als een medium van nabijheid dat geloofsgenoten dichter bij elkaar brengt. Een minderheid van 13% is het hiermee niet helemaal of helemaal niet eens. Daartussen staan de ‘twijfelaars’ (27%) die het niet eens, maar ook niet oneens zijn met de stelling. Men zou deze ‘twijfelaars’ ook ‘realisten’ kunnen noemen, omdat zij denken dat internet een medium is dat mensen zowel nader tot elkaar kan brengen (‘optimisten’) als van elkaar kan verwijderen (‘pessimisten’).
  5. Nabijheid met andersdenkenden en -gelovigen
    Voor een meerderheid van de respondenten (64%) is internet bij uitstek een medium van nabijheid dat andersgelovigen met elkaar in contact brengt. Slechts 8% van de respondenten is het hiermee niet of helemaal niet eens. Ook in dit geval staan daartussen de ‘twijfelaars” (27%) die het niet eens, maar ook niet oneens zijn met de stelling. Ook in dit geval zijn het eerder ‘realisten’ die oog hebben voor het feit dat mensen zich in de virtuele ruimtes tegelijkertijd afsluiten, maar tegelijkertijd ook bruggen slaan naar andere ruimtes in het hiernaastmaals.
  6. Nader tot God?
    Wij vroegen de zinzoekers of internet voor hen een medium is dat hen nader tot hun God brengt. De helft van de respondenten is van mening dat internet een medium is dat hen nader tot hun God heeft gebracht. Een substantiële minderheid van 20% is het daarmee echter niet of niet helemaal mee eens. De tussencategorie van ‘twijfelaars’ (30%) denkt waarschijnlijk dat internet zowel geloofsijver als geloofsafval met zich meebrengt.
  7. Virtueel gebed als aanvulling
    De meerderheid van de respondenten (60%) is van mening dat gebed via internet hooguit een aanvulling kan zijn op de traditionele (lokale) geloofsbeleving/het gebed. Een kwart van hen twijfelt daaraan, terwijl bijna een vijfde (18%) het (helemaal) oneens is met deze stelling. Zij beschouwen het online gebed kennelijk als een alternatief voor de traditionele aanbidding.
  8. Virtueel bidden is genoeg
    Dezelfde minderheid van de respondenten (18%) is van mening dat virtueel bidden het traditionele bidden kan en mag vervangen. In meerderheid (53%) verzet men zich echter tegen de gedachte dat virtueel bidden een redelijk alternatief is voor het traditionele bidden. 38% van onze respondenten is hier zelfs sterk tegen gekant. Wij hebben niet gevraagd naar de redenen. Daarom kunnen wij slechts speculeren over hun motieven om zich zo sterk te verzetten tegen online bidden in virtuele ruimtes in plaats van in de kerk/moskee/synagoge etc.
    Een van onze respondenten schreef als commentaar: “Gebed online is nog steeds gebed. Dat kun je niet als tegenstelling ten opzichte van traditionele geloofsbeleving stellen.” Anders gezegd: virtueel en lokaal bidden kunnen heel goed samengaan.
  9. Overbodigheid van lokale sociale contacten
    Wij vroegen onze zinzoekers of virtuele contacten de lokale contacten tussen geloofsgenoten en spirituele geestverwanten kunnen vervangen. Onze respondenten zijn op dit punt zeer resoluut. Slechts een kleine minderheid van 6% van de respondenten denkt dat internet een medium is dat lokale contacten tussen geloofsgenoten grotendeels overbodig maakt. Een overweldigende meerderheid van 84% is het hiermee niet of helemaal niet eens. Slechts 10% van de respondenten twijfelt.
  10. Vervanging van lokale contacten
    Dit wordt nog eens bevestigd door de reactie van de respondenten op de laatste stelling: virtuele contacten tussen geloofsgenoten kunnen lokale contacten nooit vervangen. Bijna driekwart van de respondenten (73 %) is het daar helemaal of een beetje mee eens. Slechts 12% van de respondenten denkt dat lokale contacten wel door virtuele contacten vervangen kunnen worden.

Index


10: Verandering van geloofsbeleving: verdieping en verbreding
Een van de belangrijkste vragen die we aan de zinzoeker hebben voorgelegd is of en zo ja hoe hun geloofsbeleving in de virtuele wereld veranderd is.

Onze respondenten zijn verdeeld over de vraag of het internet hun geloofsbeleving heeft veranderd. Een kleine meerderheid van 55% is van mening dat door het gebruik van het internet hun geloofsbeleving wel degelijk is veranderd. Maar een substantiële minderheid van 45% is het hiermee niet eens. Zij gebruiken het internet primair voor andere, meer utilitaire doeleinden. Of, zoals een van de respondenten het uitdrukte: “Zelf maak ik veel gebruik van internet voor allerhande doelen, maar voor mijn geloofsbeleving niet.”

Respondenten konden zelf aangeven in welk opzicht het internet hun geloofsbeleving is veranderd. Omdat wij in de vraagstelling de woorden ‘verbreed’ of ‘verdiept’ hadden opgenomen, komen deze termen ook vaak voor in de antwoorden.

Veel respondenten antwoordden op de vraag hoé internet de eigen geloofsbeleving heeft veranderd kort en krachtig met ‘verdiept’ of verbreed’, of ‘beiden’. Maar er werden ook meer gedetailleerde en andere antwoorden gegeven.

  1. Verdieping
    Het gebruik van internet heeft volgens veel respondenten hun eigen geloof verdiept. Internet heeft het makkelijker gemaakt om ‘de bronnen’ van het geloof te lezen. Zinzoekers krijgen via internet toegang tot “betere achtergrondinformatie” en kunnen zelf zoeken in de relevante bronnen. “Het stelt mij in staat om snel Bijbelteksten en –commentaar op te zoeken”. En daardoor worden zinzoekers ook “op meer literaire bronnen gewezen waar ik anders nooit van zou hebben gehoord.”

    De hypertekstuele technologie van het internet maakt het voor zinzoekers veel gemakkelijker om heterogene, meervoudig gelaagde teksten te lezen en te begrijpen. Alle voor zinzoekers belangrijke documenten (heilige geschriften, profetische uitspraken, liederen en gedichten) kunnen online worden doorzocht en dus ook met elkaar worden vergeleken en verbonden. Een voorbeeld daarvan is de site bijbelenkoran.nl waarin Bijbel en Koran afzonderlijk én in onderlinge vergelijking op trefwoord kunnen worden onderzocht.

  2. Verbreding
    Veel respondenten geven aan dat hun geloofsbeleving is verbreed door de informatie over andere religies en levensbeschouwingen die zij op internet hebben gevonden en door de discussies met andere zinzoekers. Onze respondenten zeggen dat zij een “wijdere blik” hebben gekregen en “meer inzicht in andere religies”. Op internet hebben zij “nieuwe mensen ontdekt en kennis genomen van hun overtuiging.” Hierdoor zijn zij “nog meer bewust van de veelheid aan visies.”

    • “Door bijdragen van anderen te lezen zie je bijvoorbeeld Bijbelpassages of dogma’s in een ander licht.”
    • ”Een bredere, bescheidenere kijk op wat ik geloof. Niet alles is 100% zeker te verklaren of te weten. Het heeft me ook respect bijgebracht voor andersgelovigen.”
    • ”Ik ben verder gaan kijken dan het traditionele geloven, het heeft mijn geloof aanzienlijk verbreed en daardoor ook versterkt.”

    Volgens sommige respondenten heeft internet bijgedragen aan een intensivering en verlevendiging van hun geloof: “Er is een wereld voor mij opengegaan. [...] Wij geloven weer met hart en ziel!” Slechts een enkele respondent zegt dat zijn geloofsbeleving door het internet ‘oppervlakkiger’ is geworden.

  3. Vrijzinniger en kritischer
    Veel respondenten geven aan dat zij door hun online activiteiten vrijzinniger zijn geworden in hun eigen geloofsopvatting. “Ik ben kritischer geworden”, zegt een respondent, en daardoor ook “relativerender” en “terughoudender”. Een ander benadrukt dat zijn online geloofsbeleving niet alleen meer humor heeft gekregen, maar ook vrolijker is geworden met “meer muziek”. ”Ik kende voorheen geen christelijke muziek, maar via YouTube heb ik een grote liefde voor christelijke muziek ontwikkeld en door die muziek voel ik me dichter bij God. Daarnaast, bij allerlei theologische vraagstukken lees ik op internet artikelen en fora om me zo een mening te vormen.”

  4. Nader tot God
    Een klein aantal respondenten zegt dat zij via het internet tot het geloof zijn gekomen.
    • “Ik ben mede door verdiepende zoektocht op internet tot geloof gekomen en nu verbreedt en verdiept het mijn geloof verder.”
    • “Ik ben christelijk opgevoed, heb alles laten vallen en los gelaten. Op internet heeft God de juiste personen met mij in contact gebracht en ben daar door bekeerd. De ommekeer was zelfs zo heftig dat ik op 50 jarige leeftijd dit jaar belijdenis heb gedaan.”
    • “Door het internet heb ik informatie gevonden over bijvoorbeeld bijbelvertalingen en handboeken bij de bijbel, dit heeft me aangezet om weer in de bijbel te gaan lezen en op zoek te gaan naar God. Ook heb ik veel christelijke muziek ontdekt die nu belangrijk is in mijn dagelijkse leven.”
    • “Zonder internet had ik me niet bekeerd, maar zelfmoord gepleegd.”

    Internet heeft sommige zinzoekers niet alleen ‘nader tot God’ gebracht, maar ook geleid tot een “hernieuwde kennismaking met de kerk.”

Index


11: Kritische commentaren
We hebben onze respondenten aan het slot van de enquête uitgenodigd om vrij commentaar te leveren. Veel respondenten vonden het leuk om zo’n korte en ter zake doende vragenlijst in te vullen. Toch leverden enkele respondenten ook kritiek op de enquête zelf. Deze zou ‘te oppervlakkig’ zijn en ‘teveel vanuit een christelijk perspectief opgesteld’. “Het vraagt wel wat ‘interreligieuze ervaring’ om over die drempel heen te stappen.” Er wordt te weinig ‘doorgevraagd’ en er wordt helemaal geen aandacht besteed aan ‘de roze beleving’.

Sommige vonden de vragen ‘lastig’. Vooral bij de vraag of men het eens is met een bepaalde stelling. “Je kan nooit helemaal uit de voeten met de geboden antwoorden, je zou willen nuanceren.”

Wij hebben de enquête nadrukkelijk gepresenteerd als een onderzoek naar wat zinzoekers (in de brede zin van het woord) op het web doen. Dat is niet direct door iedereen begrepen. Een respondent vindt dat de vragen te veel gericht zijn op geloofsgenoten en geloofsactiviteiten. “Ik vind internet een fijn en bijkomend middel om mensen te leren kennen via communities en ik vind het fijn als de diepere zingeving van het leven daarbij ter sprake kan komen hetzij op een religieuze, filosofische of meer dichterlijke manier. En wat mij betreft doe ik dat met iedereen wat voor geloof of visie iemand ook heeft. …Het is ten diepste misschien toch iets als luisteren naar wat men God noemt, maar staat wat mij betreft los van een bepaald geloof…”

Anderen doen suggesties om de enquête uit te breiden met vragen over (i) de positie die mensen in een religieuze organisatie innemen, (ii) het verband tussen religieuze betrokkenheid en online religiositeit, (iii) of en in hoeverre fysieke beperkingen van zinzoekers van invloed zijn op hun participatie in online activiteiten.

Daarop aansluitend zegt een (franciscaanse) respondent: “Voor mij als alleenwonende is internet heel belangrijk. het is de poort naar de wereld. in slechte tijden heeft het mij ‘gered’. het is een goede manier om uit te wisselen, het verhaal van een ander te horen of het mijne kwijt te kunnen.”

Sommigen benadrukken in hun commentaar dat internet nooit een echt alternatief voor de kerken kan zijn. “Het internet kan nooit de kerk met preken vervangen.” Maar daarbij worden de (vertegenwoordigers van) traditionele kerken en religieuze organisaties er tegelijkertijd op gewezen dat zij meer van internet gebruik zouden moeten maken. “Internet heeft een lage drempel. Hier valt vele malen makkelijker overheen te stappen dan de drempel van een kerk of een priester. Maak hier dan ook gebruik van!”

Een aantal respondenten vindt het een goed initiatief om de verandering van de geloofsbeleving door internet te onderzoeken. “Kerken doen nog veel te weinig met internet”.

Sommige respondenten vinden het moeilijk om online over geloof te praten omdat dit vaak uitloopt op scheldpartijen, “en dan haak ik maar af”. Een respondent zegt dat hij door het bezoeken van kerkelijke sites en webfora de gelovigen veel beter heeft leren kennen. “In de anonimiteit van het www hoeven zij namelijk hun vrome maskers niet op te houden. Ik ben mijn geloof in God en mijn mede-gelovigen mede door kerknieuws.nl kwijtgeraakt. Er is zelden respect voor de inbreng van de ander en men dwaalt van het onderwerp af.”

Een laatste kritische noot mag niet vergeten worden. Volgens een van onze respondenten doen de religieuze sites er te weinig aan “om het gewone volk, de eenvoudige mens die simpel werkt om brood op de plank te krijgen, op een open en op hun niveau aangepaste manier te bereiken en te bezielen.”

Index


Home Onderwerpen Zoek Over ons Doneer Contact

06 October, 2013
Eerst gepubliceerd: November, 2010